Foto Solidair, Sophie Lerouge

Pensioenen en zware beroepen: de oplichtingstruc van de minister

Stel je voor dat een inbreker in je wijk alle tv-toestellen steelt. Na een paar dagen komt hij terug en biedt hij de buurt als compensatie vijf radiotoestellen aan. Wat zou je doen? Zou je met je buren ruzie maken over wie zo’n radiotoestel krijgt? Of zou je de inbreker aanpakken opdat hij alle tv-toestellen teruggeeft aan iedereen? Wel, zo is het ook met de pensioenen. 

“Een lijst die 50% van de beroepen als zwaar erkent, is onmogelijk en onbetaalbaar”. Dat zei onlangs Open Vld-pensioenspecialist Vincent Van Quickenborne, de vorige minister van Pensioenen. Al dagen proberen Open Vld en N-VA de werknemers tegen elkaar op te zetten over de vraag wie er een zwaar beroep heeft. Maar eigenlijk, als je tot je 67ste moet werken, dan is elk beroep zwaar… tenzij misschien als je minister of parlementslid bent. 

De kern van het probleem is dat de regering de wettelijke pensioenleeftijd optrok van 65 naar 67 jaar

Laten we vooral niet vergeten dat de kern van het probleem is dat de regering de wettelijke pensioenleeftijd optrok van 65 naar 67 jaar. Een maatregel die onrealistisch en onaanvaardbaar is voor bijna iedereen. De liberale pensioenminister Bacquelaine probeerde de gemoederen te sussen door te stellen dat maar een kleine minderheid van de bevolking zou moeten werken tot 67 jaar. De rest zou vroeger kunnen stoppen dankzij de erkenning als zwaar beroep of dankzij het vervroegd pensioen.

Vandaag vallen de maskers af. De criteria die de regering oplegt om met vervroegd pensioen te gaan, zijn zo streng dat de helft van alle vrouwen al verplicht zal zijn effectief tot hun 67ste te werken. En het nieuwe systeem om te bepalen wat een zwaar beroep is? Dat slaat ten eerste maar op een minderheid van de werkende bevolking. Ten tweede wordt het onmogelijk gemaakt om voor de leeftijd van 60 jaar te stoppen, zelfs voor mensen die op jonge leeftijd zijn beginnen te werken en hoe zwaar het beroep ook is. En tot slot: hoe zwaar je beroep was, hoe lager je pensioen.

Waarom het brugpensioen moet behouden blijven

Met dit systeem konden heel wat werknemers vanaf hun 58ste stoppen na 40 jaar loopbaan. Vroeger was dat zelfs na 35 jaar loopbaan.

Die mensen kregen een uitkering, die aangevuld werd door de werkgever, tot de officiële pensioenleeftijd. Ondertussen bleven ze ook pensioenrechten opbouwen. Op het moment van de definitieve pensionering (op 65 jaar), had de werknemer dus een volledig pensioen. Met de hervorming van de regering is dat niet meer zo. Iemand wiens beroep erkend wordt als “zwaar beroep” stopt met werken, bouwt hij/zij ook geen pensioenrechten meer op.

Nemen we een voorbeeld. Een volledige loopbaan bedraagt 45 jaar. Als je beroep erkend wordt als “zwaar beroep” kun je na 38 jaar loopbaan stoppen op je 60ste. Maar je pensioen zal maar berekend worden op die 38 loopbaanjaren. Voor je pensioenberekening verlies je dus zeven jaar loopbaan. Dat komt neer op ongeveer 250 euro per maand minder pensioen.

Zo lang werken is onrealistisch, onhoudbaar en onmogelijk voor de meeste mensen

De levensverwachting in gezonde levensjaren ligt in België onder de 64 jaar. En dat is de laatste tien jaar niet verbeterd. Uit een studie van Geneeskunde voor het Volk en de PVDA blijkt dat op de leeftijd van 59 jaar nog slechts een op de drie werknemers in staat is zijn of haar job volledig te beoefenen. De anderen zijn ofwel arbeidsongeschikt door ziekte, ofwel kunnen ze verder werken, mits er aangepast werk voorzien is.

Ministers leven zelf bijna 10 jaar langer in goede gezondheid dan de meeste werknemers, maar willen zieken verplichten te blijven werken

Dat betekent dat onze ministers – die zelf bijna tien jaar langer in goede gezondheid leven dan de meeste werknemers – zieke mensen willen verplichten te blijven werken.

Beter dan niks?

Sommigen denken dat de invoering van de wet op de zware beroepen “beter is dan niks”. Ze vergissen zich. Voor de openbare sector is deze wet een ramp. De wet schaft gewoon alle voordelige pensioensystemen af, zodat de overgrote meerderheid van de werknemers in de openbare sector vele jaren langer (sommigen tot zeven jaar langer!) zullen moeten werken voor een veel lager pensioen. De regering heeft zelfs uitgerekend dat die wet een besparing oplevert van ruim 2,5 miljard euro op de rug van de gepensioneerden uit de openbare sector.

Voor de privésector wil de regering een systeem invoeren dat ons langer doet werken voor minder pensioen, dat is dus slechter dan het huidige vervroegd pensioen.

We kunnen beter de huidige systemen blijven verdedigen: de preferentiële tantièmes in de openbare sector, het vervroegd pensioen in de privésector

We kunnen dus beter de huidige systemen blijven verdedigen: de preferentiële tantièmes in de openbare sector, het vervroegd pensioen in de privésector.

55-60-65, de winnende nummers

We hebben een andere benadering nodig. Een systeem waarin iedereen vroeger mag stoppen met werken met een goed pensioen. Daarom is de PVDA voorstander van het systeem 55-60-65 dat veel vakbondsmensen naar voren schuiven. Het is een regel die voor iedereen geldt en die het einde van een loopbaan haalbaar maakt. Waarover gaat het juist?

Ten eerste, iedereen moet de kans krijgen om op 55 jaar een eindeloopbaantijdkrediet te krijgen. Daarmee kun je dan vanaf 55 jaar je werkweek verminderen tot 30 uur, zodat je fysiek kunt recupereren.

Daarnaast kan iedereen vanaf 60 jaar vervroegd met pensioen gaan. Want we eindigen onze loopbaan niet allemaal even fit en gezond. Wie daar nood aan heeft, zou vroeger moeten kunnen stoppen.

En tot slot moeten we terug naar een wettelijke pensioenleeftijd van 65 jaar. Werken tot 67 jaar is bijna in alle beroepen onmogelijk.

Onze pensioenen zijn wel degelijk betaalbaar. Het is gewoon een politieke keuze

Een politieke keuze

De ministers beweren dat onze pensioenen onbetaalbaar zijn, maar zien er geen graten in om 15 miljard euro te betalen voor de aankoop van jachtvliegtuigen die overal in de wereld oorlog gaan voeren. Ze beweren dat er geen geld is, terwijl er elk jaar voor tientallen miljarden gefraudeerd wordt in belastingparadijzen, met de zegen van de Belgische wet. Ze beweren dat er geen geld is, terwijl multinationals torenhoge winsten maken dankzij de vele cadeautjes van de regering.

Onze pensioenen zijn wel degelijk betaalbaar. Het is gewoon een politieke keuze. Heel wat landen in Europa besteden een veel groter deel van hun rijkdom aan hun wettelijke pensioenen. Waarom kan in België niet wat in landen als Oostenrijk en Frankrijk wel mogelijk is?

Commentaar toevoegen

You must have Javascript enabled to use this form.

Reacties

Waarom kan in België niet wat in landen als Oostenrijk en Frankrijk wel mogelijk is? omdat ze niet met ons inzitten . Ze geven niets om ons de generatie die het langst gewerkt heeft . De jonge generatie begon later . De jaren 60 generatie werkte vanaf 14 jaar al . En het pensioen is te laag .