Honderden vrijwilligers engageren zich om hulp te bieden aan vluchtelingen (Foto Solidair, Han Soete)

Als solidariteit een misdrijf wordt

auteur: 

Anne Bestard

Om 5 u ’s morgens van 20 oktober vorig jaar belt de politie bij Zakia aan. Onder de ogen van haar kindje wordt ze ‘preventief’ aangehouden, voor twee maanden. Haar misdrijf? Ze had vluchtelingen onderdak geboden. Zakia verschijnt samen met tien anderen op donderdag 6 september voor de rechtbank. De PVDA zal er zijn, om te protesteren tegen de criminalisering van de solidariteit.

De 11 moeten voor de correctionele rechtbank van Brussel verschijnen. Zakia, Anouk, Myriam, Walid behoren tot de vrijwilligers van het Maximiliaanpark en boden onderdak aan migranten, de zeven anderen zijn mensen die onderdak hadden gekregen.

Ze riskeren tot 10 jaar cel. Hun misdrijf – want blijkbaar moet je dat woord hier gebruiken – is een eenvoudige daad van burgerschap en van solidariteit met vluchtelingen die de gevaren in hun land zijn ontvlucht en op het Europese vasteland bescherming hoopten te krijgen.

Wat zij zelf zien als een daad van solidariteit, om mensen zonder middelen van bestaan niet op de straat achter te laten, is voor staatssecretaris voor Asiel en Migratie Theo Francken en voor het parket “mensenhandel” en zij die zich met dat doel organiseren, vormen volgens diezelfden een “criminele organisatie”.

Met dit onaanvaardbaar amalgaam maken Francken en Co van hulp aan migranten een misdrijf.  Nochtans is wat zij doen eigenlijk een opdracht van de overheid en doen zij dat precies omdat de overheid geen betrouwbare en veilige toegang toelaat en geen begeleiding of opvang organiseert, waardoor die mensen in die bijzonder precaire toestand belanden.

Geboeid onder de ogen van haar tweejarig kindje

Zakia is een van de slachtoffers. Ze werd voor de ogen van haar tweejarige kindje gearresteerd en in de boeien geslagen, om 5 u ’s morgens. En vervolgens twee maanden lang ‘preventief’ opgesloten. Zij verschijnt als een vrije vrouw op 6 september voor de rechtbank, maar anderen zitten vandaag nog altijd in hun cel, al tien maanden. Zakia werd opgesloten omdat ze een dubbele nationaliteit heeft: ze is Belgisch-Marokkaanse, maar ze woont in België met haar man en haar kind, ze werkt hier als sociaal assistent. En toch vindt het gerecht dat ze mogelijk naar Marokko zou proberen te vluchten … Walid van zijn kant is nog harder aangepakt: hij heeft acht maanden in een cel gezeten.

 Tot nu toe lijkt alles te worden onderzocht alsof het echt over mensenhandel gaat. Als Zakia met haar grootmoeder praat over geld voor hulp aan een gezin, dan wordt dat geïnterpreteerd als een aanwijzing voor mensenhandel. Als ze online naar een verkoopsite surft en een bedrag in Britse pond omzet in euro's, dan is dat een aanwijzing voor “handel”. Als ze giften inzamelt om basisbehoeften voor vluchtelingen aan te kopen, dan is dat weer een aanwijzing voor mensenhandel. Het hele onderzoek verloopt in deze perverse manier van denken.

Het onderzoek en de gevangenisstraf deden haar zelfs even twijfelen of het wel correct is wat ze heeft gedaan ... "Maar dan hebben ze gewonnen", dacht ze. Later kan ze de dingen opnieuw in perspectief plaatsen: "Er kwam veel steun en dat heeft mij en mijn familie echt tot rust gebracht. Dat moet ook het gerecht aan het denken zetten. Ik heb geen vertrouwen in het onderzoek dat is gevoerd, maar ik hoop wel dat de rechters een andere realiteit zullen zien, een realiteit van echte solidariteit, een realiteit van een echt engagement van een vrijwilliger.”

Zij blijft zich dan ook vooral bekommeren om de meest kwetsbaren, in het bijzonder om de acht beschuldigden die in afwachting van dit proces nog altijd in hechtenis zitten.

Haar vastberadenheid is helemaal niet gebroken en ze moedigt iedereen aan zich niet te laten intimideren: “Wees niet bang om vrijwilliger te blijven, om een solidaire compagnon te zijn. Ik wil niet dat mensen die ons verhaal horen, bang worden. Integendeel. En het belangrijkste de organisatie van die solidariteit, van dat vrijwilligerswerk. Dat is onze kracht.”

Regering kiest voor tegenaanval na nederlaag in zaak van huiszoekingen

Dit proces betekent een opflakkering van de intimidaties tegenover daden van solidariteit die in België alsmaar meer navolging kennen. Het is een vervolg op het wetsontwerp op de huiszoekingen, waardoor de regering de politie kon sturen in huizen van burgers die ervan verdacht worden mensen te herbergen die illegaal in het land verblijven met het doel hen aan te houden.

Maar het protest van heel wat burgers bracht tientallen gemeenten ertoe om zich openlijk uit te spreken tegen dat wetsontwerp. In augustus was dan ook te horen dat de regering van MR-N-VA dit ontwerp waarschijnlijk zou intrekken. Wat opnieuw bewijst dat het protest al resultaat heeft gehad en dat de solidariteit moet doorgaan.

Er staat dus opnieuw veel op het spel op het proces dat op 6 september van start gaat. De PVDA roept op om op donderdag 6 september om 8.00 uur naar het justitiepaleis in Brussel te komen. Een solidaire burger is geen crimineel.

 

Commentaar toevoegen

You must have Javascript enabled to use this form.

Reacties

Diversiteit zal iedereen alleen maar beter maken.