We brengen de PVDA dichter bij jou en jou dichter bij de PVDA.!

Download onze app

Arizona ontmaskerd | Dereguleren, verarmen, isoleren en bestraffen: de vier hefbomen van de regering om onze arbeidsvoorwaarden te ondermijnen

Het regeerakkoord van Arizona is een nooit geziene aanval op de arbeidsvoorwaarden van de werkende klasse én op haar collectieve sociale verzekering: de sociale zekerheid. Het Arizona-akkoord werpt ons tientallen jaren terug in de tijd. Het gebruikt woorden als "activeren"en "moderniseren" om ons in slaap te wiegen en blind te maken voor de reikwijdte van de aanval. We onthullen wat er achter die woorden schuilgaat en wat de echte strategie van de Arizona-regering is. Die kunnen we samenvatten in vier woorden: dereguleren, verarmen, isoleren en bestraffen.

Vijf aanvallen op de werktijden van de werknemers

Uit het Arizona-regeerakkoord:
"We geven meer vrijheid aan werknemers om binnen de Europese regels in onderling akkoord met hun werkgever de arbeidsuren te bepalen. 
Na overleg met de sociale partners, wordt voor 30/06/2025 een nieuw wettelijk kader ingevoerd waarbij een annualisering van de arbeidstijd of ‘accordeon’ uurroosters mogelijk worden voor deeltijdse en voltijdse arbeid. (...) De verplichting dat de minimale wekelijkse arbeidsduur minstens 1/3e van een voltijds uurrooster moet zijn, wordt afgeschaft. (...) We heffen de verplichting op om alle toepasbare uurroosters op te nemen in het arbeidsreglement."

Met die twee paragrafen begint het hoofdstuk over de "Modernisering van het arbeidsrecht". Ze geven meteen aan welke richting het uitgaat. Ze zetten de deur open voor vijf grote aanvallen op de rechten van werknemers in ons land.

Terug naar begin

1. Een aanval op de 8-urige werkdag en de 38-urige werkweek

De eerste aanval richt zich op de regulering van de werktijden en werkritmes. Volgens het akkoord zouden alleen de door de Europese Unie vastgestelde minima overblijven:

  1. De mogelijkheid om tot 48 uur per week te werken: berekend over een gemiddelde van 4 maanden, waardoor je in bepaalde weken meer 
    dan 48 uur moet werken.

  2. Het recht op elf opeenvolgende uren rust per werkdag, wat betekent dat je tot dertien uur per dag moet werken.

Met andere woorden, de 38-urige werkweek en de 8-urige werkdag worden simpelweg van tafel geveegd. 

De regel is dat er geen regels meer zijn: contracten met werkweken van 48 uur, bijvoorbeeld 6 dagen van elk 8 uur, zouden perfect mogelijk zijn. Een huishoudhulp kan zo gedwongen worden om van maandag tot zaterdag van 9 tot 17 uur te werken, in een sector die nu al veel langdurig zieken creëert.

De impact op de gezondheid zal groot zijn, het nu al fragiele evenwicht tussen privé- en beroepsleven zal nog ingewikkelder worden en werknemers zullen niet langer de mogelijkheid krijgen om die werktijden te weigeren en een baan met een normaal voltijds schema van 38 uur te hebben.

Dit is volledig in tegenspraak met de wens van Arizona om langdurig werklozen weer aan het werk te krijgen en langdurig zieken te activeren. De verhoging van de arbeidstijd in de bedrijven sluit de deur nog verder voor wie geen job heeft.

Bovendien beweert de nieuwe regering dat ze ons de vrijheid geeft om onze eigen uurroosters te bepalen. Wie gelooft dat? Welke werknemer zal zich in zijn eentje verzetten tegen de werktijden die de baas oplegt? Het zal de werkgever zijn die de werktijden bepaalt, niet de werknemer.

Terug naar begin

2. Afschaffing van het verbod op nachtarbeid 

Uit het Arizona-regeerakkoord:

"Het verbod op nachtarbeid wordt afgeschaft."

Nachtarbeid toestaan, is een aanval op een essentieel sociaal recht van werknemers: het recht op rust.

Een einde maken aan het verbod op nachtarbeid is veel meer dan een technische maatregel, het is een frontale aanval op de rechten van werknemers en een open deur naar onbeperkte uitbuiting. Tegenwoordig moet elke sector die gebruik wil maken van nachtarbeid hierover onderhandelen. Er zijn strikte voorwaarden en extra loon aan verbonden om de impact op de gezondheid en het gezinsleven van werknemers te compenseren. Dit verbod opheffen, slaat een gevaarlijke bres in de wet, waardoor alle sectoren, van logistiek over industrie tot grote distributie (o.a. supermarkten) nachtarbeid kunnen opleggen zonder compensatie. 

Beeld je dit even in: kassiersters die gedwongen worden tot middernacht te werken zonder compensatie, magazijnmedewerkers die uitputtende diensten moeten draaien zonder extra loon, of vrachtwagenchauffeurs die de hele nacht moeten rijden zonder extra garanties. Er zit een duidelijke logica achter deze maatregel: de winsten van de werkgevers maximaliseren ten koste van de gezondheid en het welzijn van de werknemers. Zo komen we terecht in het scenario van de Verenigde Staten of het Verenigd Koninkrijk, met winkels die 24 uur per dag open zijn. Weg is de rustgevende slaap, niet alleen voor de werknemers maar ook voor de omwonenden. Willen we echt een maatschappij die nooit slaapt?

Ook de gezondheid van werknemers wordt aangetast, aangezien nachtwerk een bijkomende negatieve factor is voor hart- en vaatziekten, kanker, slaapstoornissen en psychische aandoeningen. Daarom is dit werk normaal strikt gereguleerd en beperkt tot essentiële beroepen. Voor die afwijkende werktijden, die historisch als zwaar worden erkend, is extra loon voorzien. Deregulering maakt echter de weg vrij om die legitieme compensatie voor de betrokken werknemers op de helling te zetten.

Terug naar begin

3. Verlenging van de openingstijden

Uit het Arizona-regeerakkoord:

"De regelgeving inzake openingsuren wordt versoepeld.”

De regering wil hiermee de openingstijden van bedrijven uitbreiden. Meer flexibele openingstijden betekent bijvoorbeeld dat een winkel vroeger kan openen en later sluiten, maar ook de deuren kan openen op zon- en feestdagen. Zo zouden alle supermarkten op zondag open kunnen zijn. Een werkgever zou ook zijn secretaresse kunnen vragen om haar werk op zondag af te maken, een huishoudhulp om te werken op een feestdag, enz. Weg zijn de zondagen en feestdagen die je samen met familie of vrienden doorbrengt om te ontspannen. De werknemer zal moeten werken om de winst van zijn werkgever nog te vergroten. Geen pauzes meer om je batterijen op te laden, je gedachten te verzetten en te genieten van je vrije tijd.

Terug naar begin

4. Gedereguleerde toename van het aantal overuren tot meer dan 48 uur per week

Uit het Arizona-regeerakkoord:

"Om flexibele arbeid te garanderen zorgen we voor een structurele en uniforme en flexibele algemene regeling van 180u voor fiscaalvriendelijke overuren met een lastenverlaging voor de werkgever en een belastingvermindering voor de werknemer. (...) Wat betreft de vrijwillige overuren voeren we één aantrekkelijk systeem in tot 360 vrijwillige overuren zonder motief of inhaalrust, dat arbeidsrechtelijk van toepassing is in alle sectoren. Voor 240 van deze vrijwillige overuren is geen overloon verplicht en is bruto gelijk aan netto, dus zonder sociale bijdrage of personenbelasting. Dit gebeurt op basis van een schriftelijke overeenkomst tussen werknemer en werkgever die steeds opzegbaar is. In de horeca wordt de 360 uur vrijwillig overwerk verhoogd naar 450 uur overwerk, waarvan 360 uur onbetaald." 

Het systeem van fiscaal voordelige overuren, dat al bestaat in de bouwsector, maakt het mogelijk om de arbeidstijd met 180 uur per jaar te verlengen. Daar komt nog 360 uur zogenaamd “vrijwillig” overwerk bij (450 uur in de horeca). Als een werkgever vraagt om die uren te presteren en het gaat om overuren zonder reden, zonder compensatie en voor het grootste deel zonder extra loon, dan hebben de werknemers in de praktijk geen andere keuze dan te accepteren. 

Dat betekent dat de feitelijke arbeidstijd met bijna 12 uur per week, of gemiddeld met meer dan 2 uur per dag, kan worden verlengd, volledig naar wens van de werkgever en op door hem gekozen tijdstippen. Dit is een gemiddelde, tijdens piekperioden kan het dus over meer overuren gaan.

Jos bijvoorbeeld werkt in een slagerij. Hij zal 2 uur per dag moeten overwerken op donderdag en vrijdag tijdens de zomer- en vakantieperiodes, en 6 uur op zaterdag in diezelfde periodes. Zonder enige compensatie, wel te verstaan.

De werknemer wordt zo een marionet in de poppenkast van de werkgever. Overuren presteren en langer werken worden een manier om het inkomen te verhogen in een periode van loonstop. Op die manier proberen de werkgevers de druk om de lonen te verhogen te verminderen en tegelijk over zeer flexibel en toegewijd personeel te beschikken. “Lastige” werknemers kunnen zo willekeurig uren verliezen. De achterliggende boodschap is duidelijk: alleen de tijd die de werknemer voor de werkgever werkt, is nuttige tijd voor de maatschappij. Ondertussen wordt het stelsel van de sociale zekerheid met de dag een steeds legere doos, net als de staatskas. Zo kunnen de rechtse partijen in een volgende ronde nog meer bezuinigen op de pensioenen, de gezondheidszorg, het onderwijs, enz.

Terug naar begin

5. Annualisering van de werkuren

Uit het Arizona-regeerakkoord:

"Na overleg met de sociale partners wordt voor 30/06/2025 een nieuw wettelijk kader ingevoerd waarbij een annualisering van de arbeidstijd of ‘accordeon’ uurroosters mogelijk wordt voor deeltijdse en voltijdse arbeid."

"We heffen de verplichting op om alle toepasbare uurroosters op te nemen in het arbeidsreglement." 

Het akkoord wil de mogelijkheid van geannualiseerde arbeidstijd uitbreiden. Met "accordeon-uurroosters" kunnen bedrijven de uren naar eigen behoefte spreiden over een jaar en zo ontsnappen aan de vaste wekelijkse of maandelijkse regels. Vooral bedrijven in de logistiek en de voedselverwerkende industrie, waar het werktempo in de loop van het jaar of naargelang de bestellingen verandert, zijn vragende partij. Aan de andere kant maken die accordeon-uurroosters, die veranderen naargelang de werklast, het leven van de werknemers onvoorspelbaar en de organisatie van hun werktijd chaotisch. 

Met de afschaffing van de verplichting om de uurroosters te vermelden in het arbeidsreglement, zal de patroon willekeurige werktijden kunnen opleggen zonder instemming van de vakbonden. Van enige planning van het privéleven is dus geen sprake meer. Werknemers zullen hun privéleven nog meer moeten organiseren in functie van de behoeften en wensen van de werkgever. Niet alleen bestaat het risico dat de accordeon zich verder zal uitrekken, de werknemer zal ook meer uren moeten presteren zonder de mogelijkheid om te recupereren of voor zijn overuren vergoed te worden. Alles is gebaseerd op individuele overeenkomsten, onder druk van de baas en zonder instemming van de vakbonden.

Bijvoorbeeld: Mary werkt parttime (20 uur per week) in een kledingwinkel. Normaal werkt ze 4 uur per dag. Tijdens rustige periodes voorziet haar uurrooster in 3 uur per dag. In drukke maanden wordt het 6 uur per dag, zonder vergoeding voor overwerk.

De Arizona-coalitie laat zich inspireren door onze bovenburen

De Arizona-regering verdedigt in haar akkoord het Nederlandse werkritmemodel. Daar mag een bedrijf werknemers een deel van het jaar tot 12 uur per dag en 60 uur per week doen werken. Nacht- en weekendwerk zijn er veel minder beschermd dan bij ons. Er is veel vraag naar die atypische, flexibele werktijden bij werkgevers in de agrovoedingsindustrie en de logistieke sector. Twee keer zoveel Nederlanders werken 's nachts of op zondag, en bijna drie keer zoveel 's avonds.

Werkgevers kunnen hun geluk niet op, maar voor werknemers zijn er tal van nevenwerkingen: een verhoogd risico op arbeidsongevallen en ziekte, grotere instabiliteit in het gezinsleven, een groter risico op baanonzekerheid.

Werknemers die het kunnen, verlaten bedrijven met flexibele jobs, in die mate zelfs dat een deel van de werkgevers vraagt om die flexibiliteit te beperken, uit schrik hun gemotiveerde en goed opgeleide werknemers kwijt te raken.

Terug naar begin

Onzekere banen vernietigen stabiele werkgelegenheid

Nog een categorie maatregelen die de partijen in de Arizona-coalitie naar voor schuiven, is het makkelijker invoeren van flexibele en onzekere banen, die rechtstreeks concurreren met vaste banen. Dat gebeurt onder drie vormen.

De eerste vorm van precarisering: de uitbreiding van flexi-jobs.

Uit het Arizona-regeerakkoord:

"Het maximum jaarinkomen voor flexi-jobs wordt verhoogd van 12.000 naar 18.000 euro, en waar geldend wordt het maximum uurloon verhoogd van 17 naar 21 euro. Deze bedragen worden verder geïndexeerd. We schrappen voor voltijdse werknemers het verbod van tewerkstelling bij verbonden ondernemingen. Daarbij kijken we in het bijzonder naar de noden van de horeca. Flexi-jobs maken we eveneens mogelijk in alle sectoren”. 

Volgens Arizona slaan we met de uitbreiding van de flexi-jobs en de verdubbeling van de jaarlijkse inkomensgrens voor flexi-jobbers twee vliegen in één klap: meer inkomen voor wie tijd en zin heeft om een paar uur extra te werken en minder tekorten in sectoren die moeilijk werknemers vinden. Mooie woorden die echter niet stroken met de realiteit.

Laten we eerst eens de balans opmaken van flexi-jobs tot nog toe. Die werden in 2015 in het leven geroepen om het personeelstekort en het zwartwerk in de horeca tegen te gaan. Vervolgens werden ze uitgebreid naar andere sectoren. Vandaag zijn er 120.000 flexi-jobbers in België, waarvan de helft in de horecasector. Heeft dat het oorspronkelijke probleem opgelost? Tegenwoordig is een op de vijf banen in de horeca een flexi-job. Maar volgens het Rekenhof vervangt een derde van die nieuwe jobs bestaande banen en heeft het voor de werknemers geleid tot lagere lonen en minder sociale zekerheid.

Die concurrentie tussen vaste banen en flexi-jobs duwt de lonen omlaag: obers/diensters en barmannen/vrouwen worden momenteel in België het slechtst betaald. Daarnaast hebben de arbeidsomstandigheden de sector er niet aantrekkelijker op gemaakt. Bijna tien jaar na de invoering van de flexi-jobs komt de horeca nog steeds handen tekort. Maar dat heeft de vorige regering er niet van weerhouden de regeling uit te breiden naar andere sectoren, waaronder de gezondheidszorg. Allemaal in het voordeel van de werkgevers, die 50 miljoen euro aan bijdragen konden besparen op de rug van de sociale zekerheid. Een enorme bijkomende aanslag op de ontvangsten.

Ook in de “deeleconomie” wordt flexibel werk aangemoedigd. Het zet de deur open voor de Ubers en andere bedrijven als Deliveroo om hun dumpingpraktijken voort te zetten. Deze bedrijven betekenen een aanval op de vaste werkgelegenheid en maken taxichauffeurs en bezorgers tot slaven, terwijl ze zelf geen sociale bijdragen of belasting op hun winsten betalen.

Flexi-jobs dragen niet bij aan de sociale zekerheid en werknemers bouwen dus geen rechten op. Bij een “accident de parcours” (ziekte, werkloosheid) wordt het inkomen uit een flexi-job niet meegenomen in de berekening van het vervangingsinkomen. Het telt ook niet mee voor het pensioen en geeft geen recht op betaalde vakantie.

Terug naar begin

De tweede vorm van precarisering: meer studentenjobs in plaats van vaste contracten

Uittreksel uit het Arizona-regeerakkoord:

"De verhoging van de begrenzing van studentenarbeid in het arbeidsrecht en sociale zekerheid wordt permanent tot maximaal 650 uur studentenarbeid. De leeftijdsgrens voor studentenarbeid wordt 15 jaar.”

De Arizona-coalitie is ook van plan om studentenarbeid verder te faciliteren door het wettelijke maximum te verhogen naar 650 uur per jaar - het equivalent van de werktijd vastgelegd in de 1/3e regel - en door de beperkingen van de inkomstenbelasting voor studenten met een baantje te schrappen.

De regering Vivaldi had het jaarlijkse plafond tijdens de COVID-19-crisis al verhoogd naar 475 en vervolgens 600 uur. Het resultaat: tussen 2006 en 2023 vertienvoudigde het aantal jobstudenten, van 36.000 tot 393.000. Twee derde werkt in de horeca, maar er zijn ook steeds meer studenten werkzaam in de logistiek, de detailhandel en de groothandel. Ook hier vervangen ze vaste jobs.

In sommige grote logistieke centra rond de haven van Antwerpen bestaan hele werkploegen uit slechts één of twee leidinggevenden in loondienst en wordt de rest van het team gevormd door studenten. Ze worden met busjes van de (hoge)scholen naar de magazijnen gebracht naargelang er goederen binnenkomen en bestellingen moeten worden voorbereid.

Goedkope banen met lage sociale bijdragen voor de bedrijven, die de sociale zekerheid uitkleden. In 2022 waren ze goed voor een geschat verlies van 413 miljoen euro. Een student zal dus bijna 10 jaar lang een derde van het aantal uren van een voltijdse job kunnen werken zonder dat dit recht geeft op sociale zekerheid of zal meetellen in de loopbaan. Bovendien tonen studies aan dat studenten die werken uit noodzaak, om de eindjes aan elkaar te knopen, minder goede studieresultaten halen. Ze doen langer over hun studie of verlaten vroegtijdig de school of de universiteit, zonder diploma.

Terug naar begin

De derde vorm van precarisering: het "drie-uren"- contract

Uittreksel uit het Arizona-regeerakkoord:

"De verplichting dat de minimale wekelijkse arbeidsduur minstens 1/3e moet zijn van een voltijds uurrooster wordt afgeschaft.”

Maar het akkoord preciseert: "We behouden en handhaven hierbij wel het verbod op arbeidsprestaties van minder dan 3 uur en oproepcontracten."

Hiermee slaat de regering opnieuw een grote bres in de arbeidswetgeving. Volgens de huidige 1/3e-regel mag de wekelijkse arbeidsduur van een deeltijdse werknemer niet lager liggen dan een derde van de wekelijkse arbeidsduur van een voltijdse werker van dezelfde categorie. Een bedrijf kan je niet inhuren voor een kleinere hoeveelheid werk, zelfs niet met een tijdelijk contract (interim) of een contract van bepaalde duur.

De schrapping van die limiet, samen met de handhaving van een minimumduur van 3 uur voor elke arbeidsprestatie, zet de deur open voor minicontracten van 3, 6 of 9 uur per week. Of zelfs één uur per week in combinatie met 3 uur werken om de 3 weken. Maria, een huishoudhulp, zou bijvoorbeeld een contract kunnen tekenen voor 2 uur per week en daarnaast om de twee weken 4 uur gaan werken bij iemand anders. Het niet naleven van de werktijd, vastgelegd in de 1/3e-regel, leidt ook tot problemen met de toegang tot de sociale zekerheid (werkloosheid, pensioen).

Sommige werknemers zouden tot 13 werkgevers per week moeten combineren (13 x 3 uur) om aan de voltijdse werktijd te geraken.

Arizona verkoopt die flexibilisering als een manier om meer te verdienen door meer te werken. Aangezien de regering elke loonsverhoging blokkeert, zal een werknemer die wat meer wil verdienen meer moeten werken, maar wel met onzekere contracten.

In werkelijkheid drijft de Arizona-coalitie met meer flexi-jobs de lonen omlaag en verzwakt ze de rechten van de werknemers. We riskeren het aantal onzekere statuten te zien toenemen, in concurrentie met vaste jobs. Onbelaste banen voor de bedrijven die leiden tot minder inkomsten voor de sociale zekerheid.

Het is bijgevolg een “lose-lose”-systeem, met minder goede bescherming voor de werknemers en onderfinanciering van de sociale zekerheid.

Terug naar begin

"Activeren", het Arizona-woord voor “bestraffen”

Om in België een tewerkstellingsgraad van 80% te bereiken, wil het regeerakkoord de activering van alle zieke en werkloze werknemers vergemakkelijken. Werknemers die hun job verliezen, ziek of werkloos zijn of tegen het einde van hun loopbaan aankijken, hebben recht op “preventie-, activerings- en bestraffings"-maatregelen. Bestraffing zal evenwel de boventoon voeren. Het doel: met strenge straffen de jacht openen op werknemers en ze dwingen aan het werk te gaan, tegen elke prijs. Ongeacht het werk of hun gezondheidstoestand.

De ontslagvergoeding verlagen om ontslag te vergemakkelijken

Eerst en vooral worden in naam van de activering ook de rechten herzien van wie zijn baan verliest.

Uittreksel uit het regeerakkoord van Arizona:

We activeren de ontslagvergoeding en beperken ze voor nieuwe aanwervingen tot maximum 52 weken om een beter evenwicht te vinden tussen een degelijk niveau van sociale bescherming en een aantrekkelijk investeringsklimaat” (...) voeren we uiterlijk voor 31/12/2025 de proefperiode opnieuw in: het wordt voortaan mogelijk voor beide partijen om het arbeidscontract te beëindigen met een opzegtermijn van 1 week gedurende de eerste 6 maanden van het contract".

De opzegtermijn voor ontslagen zou bijgevolg maximaal 52 weken bedragen. Werknemers die meer dan 17 jaar in dienst zijn, verliezen dus hun recht op een opzegtermijn van meer dan 52 weken. Terwijl ontslag in de loopbaan van een werknemer geen zeldzaamheid is. Volgens het sociaal secretariaat Securex werd in 2023 in België ongeveer 1 werknemer op de 20 ontslagen.

Bovendien kan een bedrijf werknemers tijdens de eerste zes maanden van hun contract ontslaan met een opzegtermijn van een week. Op dit ogenblik bedraagt de opzegtermijn drie tot vijf weken met vier tot zes maanden anciënniteit. Die regeling is het resultaat van een delicaat compromis bij de invoering van het eenheidsstatuut. Voor arbeiders bedroeg de proefperiode vóór 2014 twee weken. Het doel is dus om het voor werkgevers sneller en makkelijker te maken om naar eigen goeddunken werknemers te ontslaan, zonder compensatie.

Terug naar begin

Zieke werknemers onder druk zetten

Uittreksel uit het Arizona-regeerakkoord:

"Een allesomvattend plan voor de preventie en re-integratie van langdurig zieken. De basis van dit globale plan is de toegenomen verantwoordelijkheid van de vijf betrokken actoren: werkgevers, werknemers, artsen (huisartsen, bedrijfsartsen en medische officieren), ziekenfondsen en regionale diensten voor arbeidsbemiddeling."

Het aantal langdurig zieke werknemers verdubbelde tussen 2008 en 2023 van 250.000 naar 500.000. Qua aantal inactieven wegens ziekte of een beperking is België koploper in Europa.

Hoe is die explosieve toename te verklaren? Ten eerste door de mentale en fysieke belasting van het werk, waardoor het aantal gevallen van chronische ziekte met spier- en skeletaandoeningen of burn-outs toeneemt. Volgens het sociaal secretariaat Mensura heeft 93% van de bedrijven geen preventiebeleid voor langdurige ziekte of een hulpprogramma voor de terugkeer naar het werk, hoewel die maatregelen sinds 2022 verplicht zijn. 

Ten tweede door de aangescherpte voorwaarden voor vervroegd pensioen of brugpensioen (een regeling die het Arizona-regeerakkoord zelfs wil afschaffen) en werkloosheidsuitkeringen. En ook door de verhoging van de pensioenleeftijd. Zo zijn (brug)gepensioneerde werknemers of langdurig werklozen overgedragen naar het statuut van langdurig zieken.

Het regeringsakkoord beweert het probleem aan te pakken met een geïntegreerd plan dat zich tot alle actoren richt. Maar eigenlijk zijn de zieke werknemers het belangrijkste doelwit.

Vandaag heeft een werknemer die afwezig is wegens ziekte 30 dagen lang recht op een vergoeding die gelijk is aan zijn of haar salaris. Vanwege het “draaideureffect” waarbij werknemers bij herval telkens opnieuw aanspraak maken op 30 dagen gewaarborgd loon door weer aan het werk te gaan, schrijft het regeerakkoord voor dat ze tenminste 8 weken moeten werken voor ze weer aanspraak kunnen maken op een uitkering gelijk aan het loon.

De regering heeft besloten om grote druk uit te oefenen op de zieken om hen koste wat het kost weer aan het werk te krijgen. Bijvoorbeeld:

  • Langdurig zieken die geen arbeidscontract meer hebben, moeten zich inschrijven als werkzoekende.

  • Van langdurig zieken die nog een werkgever hebben, wordt het recht op een uitkering regelmatig herzien. Als ze een andere baan aankunnen, moeten ze een re-integratietraject volgen.

  • De controlearts moet actie ondernemen tegen de zieke werknemer zodra die een maand ziek is. Dit varieert van "het doorsturen van informatie" tot "het uitnodigen voor een gesprek".

  • De periode voor het verbreken van een contract op medische gronden van overmacht, d.w.z. zonder opzegtermijn of vergoeding, wordt verkort van negen naar zes maanden.

  • Het re-integratietraject zal kunnen beginnen vanaf de eerste maand ziekte in plaats van na de huidige drie maand.

  • Zieke werknemers die onvoldoende "meewerken", bijvoorbeeld als ze vergeten een formulier in te vullen, kunnen een sanctie krijgen. Die kan gaan van een vermindering van de vergoeding met 10% tot de volledige schorsing.

De sancties worden zwaarder voor alle zieke werknemers. Zonder naar de oorzaken van de opeenvolgende afwezigheden te kijken, worden alle werknemers gestraft en aangespoord om aan de slag te blijven, ook al zijn ze ziek of gewond. Alleen zo kunnen ze hun rechten behouden, ook al schaadt het op lange termijn hun eigen gezondheid en die van hun collega’s. Alle winst die hieruit voortvloeit, gaat naar het bedrijf, dat niet langer verplicht zal zijn om de volledige vergoeding te betalen.

Sterker nog, de bedrijven ondervinden nauwelijks gevolgen van de geplande maatregelen. Integendeel, de verplichting om een preventieplan tegen langdurige ziekte op te stellen, wordt geschrapt, evenals de sancties voor bedrijven met een groot aantal langdurig zieken. Die verplichting wordt simpelweg vervangen door een bijdrage. 

Huisartsen worden aangespoord om zo weinig mogelijk ziektebriefjes uit te schrijven, anders riskeren ze controle en een financiële sanctie. Ze moeten in de plaats met bekwaamheidstesten vaststellen voor welke vaardigheden of functies hun patiënten nog geschikt zijn. Werkgevers zullen "verdachte ziekte-attesten" kunnen melden.

Ook de mutualiteiten ontspringen de dans niet. "We responsabiliseren de ziekenfondsen financieel op het inzetten van acties voor élke als arbeidsongeschikt erkende persoon." Bovendien zal hun financiering afhangen van de re-integratie van langdurig zieken op de arbeidsmarkt. 

Het regeerakkoord maakt van zieke werknemers een individueel probleem, waar het vroeger een sociaal probleem was. In plaats van de oorzaken aan te pakken - de haalbaarheid van het werk en de arbeidsvoorwaarden, de duur van de loopbaan, enz. - richt het zich liever op de gevolgen, door alle afwezigen blindelings te straffen. De maatregelen dreigen het aantal zieken alleen maar te verhogen door ze aan te moedigen om te blijven werken of weer aan het werk te gaan, ook al zijn ze niet fit of hersteld. Voor de bedrijven daarentegen schrappen ze elke stimulans om ziekte te voorkomen en artsen worden onder druk gezet om zo streng mogelijk op te treden tegen hun patiënten. In plaats van een echte maatschappelijke uitdaging aan te gaan, verhoogt de Arizona-coalitie de druk op de ketel.

Terug naar begin

Jacht op werklozen, niet op werkloosheid

Uittreksel uit het Arizona-regeerakkoord: 

"We hervormen de werkloosheidsuitkering tot een echte verzekering."

Achter die geruststellende formule gaat voor werknemers het verlies schuil van het recht op een uitkering wanneer ze geen baan vinden.

De duur van de werkloosheidsuitkeringen wordt beperkt tot maximum 2 jaar.” (…) "1 jaar werken in de laatste 3 jaar geeft recht op maximum 1 jaar werkloosheidsuitkering." Daarnaast heb je voor elke extra vier maanden dat je hebt gewerkt, recht op een extra vergoeding van een maand; zo heb je na vijf jaar werk recht op de maximale uitkering van twee jaar. Wie in de loop van zijn carrière meermaals werkloos wordt kan, indien opnieuw voldaan is aan de toelatingsvoorwaarde (1 jaar gewerkt in de voorbije 3 jaar) het recht op het maximum van 2 jaar verwerven op basis van het nog beschikbare (opgespaarde) beroepsverleden."

Het doel van de geplande hervormingen is de werkloosheidsuitkering in de loop van de tijd verder te verlagen en te beperken tot maximaal één of twee jaar, afhankelijk van de situatie. Er worden enkele uitzonderingen voorzien, zoals werknemers die onder bepaalde voorwaarden het einde van hun loopbaan bereiken.

De redenering luidt dat de activeringsgraad bij langdurig werklozen te laag is en dat ze te weinig aangemoedigd worden om terug aan het werk te gaan. Royale “levenslange” werkloosheidsuitkeringen moedigen niet genoeg aan om werk te zoeken.

Dit botst frontaal met de realiteit van langdurig werklozen (langer dan twee jaar). Tussen 30% en 40% van hen heeft de afgelopen twee jaar gewerkt, maar niet genoeg om sociale rechten te verwerven of uit de werkloosheid te raken. Ze zitten gevangen in een keten van korte contracten en onzekere banen. Die wil de regering nog verlengen.

Wat die zogenaamd “royale” Belgische uitkeringen betreft, spreken de feiten de mythe tegen. De Belgische voorwaarden voor een werkloosheidsuitkering behoren tot de strengste in Europa. Alleen Nederland eist meer gewerkte dagen om in aanmerking te komen voor een werkloosheidsuitkering. Daarnaast bestaat er al een reeks sancties voor niet actief zoekende werkzoekenden. In Wallonië ontvangt van de 224.000 werknemers zonder baan slechts de helft - 109.000 - een werkloosheidsuitkering. Volgens het jaarverslag van 2023 van de Forem (de Waalse VDAB) heeft 91,63% van de gecontroleerde uitkeringsgerechtigden (bijna 72.000 mensen) een positieve beoordeling gekregen.

Bijna de helft van de werklozen in België loopt volgens Eurostat, het Bureau voor de Statistiek van de Europese Unie, het risico in armoede te vervallen. Toch wil het regeerakkoord de baanonzekerheid nog vergroten. Zoals het akkoord zelf toegeeft, zullen die maatregelen leiden tot "een extra instroom van leefloongerechtigden (...) voor de OCMW's", het laatste vangnet in onze samenleving. Een vangnet dat bovendien niet iedereen kan beschermen, gezien de geplande herfinanciering van de OCMW’s minder dan een achtste bedraagt van de geplande besparingen op de uitkeringen. Veel gemeenten met een grote bevolking in de lagere inkomensniveaus zullen in grote financiële problemen komen, wat de openbare diensten in gevaar brengt.

Om hun werkloosheidsuitkering te behouden of om recht te hebben op een leefloon van het OCMW, zullen de werklozen verplicht worden te solliciteren voor jobs die verder van hun woonplaats liggen of minder overeenkomen met hun vaardigheden. Of ze zullen zelfs onbetaald werk of gemeenschapsdienst moeten aanvaarden. Net als bij de hierboven aangehaalde punten is het echte doel van die maatregelen dan ook de toename van het aantal slecht betaalde en onzekere jobs.

 

Uittreksel uit het Arizona-regeerakkoord:

"We beperken de wachttijd tot 156 dagen na afstuderen waarbinnen de regionale dienst voor arbeidsbemiddeling twee positieve evaluaties geeft. Deze inschakelingsuitkering moet worden aangevraagd voor iemand de leeftijd van 25 jaar bereikt. Voor deze jongeren geldt een maximale duurtijd van de uitkering van 1 jaar die wordt opgeschort met het aantal gewerkte dagen."

De Arizona-regering probeert haar blazoen op te poetsen door de verkorting van de wachttijd voor jongeren te benadrukken. Die nieuwe maatregel oefent echter grote druk uit op de jongeren. 

Ten eerste moeten ze om hun uitkering te krijgen twee positieve beoordelingen in de wacht slepen tijdens hun wachttijd, voor ze 25 jaar worden. Ten tweede wordt de vergoeding beperkt tot één jaar in plaats van drie jaar vandaag. Die toegenomen druk dwingt de jongeren om banen te accepteren die onzeker en onderbetaald zijn of niet overeenkomen met hun opleiding, of ze lopen het risico dat ze zonder inkomen zitten. In plaats van professionele integratie echt te ondersteunen, maakt deze maatregel een generatie nog kwetsbaarder, terwijl die nu al te maken heeft met een onzekere en ongelijke arbeidsmarkt.

Terug naar begin

Duitsland en Groot-Brittannië bewijzen dat de Arizona-aanpak niet werkt

We weten eigenlijk nu al wat de gevolgen zijn van zo'n beleid. De Hartz-hervormingen (1 tot 4) van begin jaren 2000 in Duitsland beperkten de werkloosheidsuitkeringen tot twaalf maanden. Voor sociale bijstand moest je een activeringsplan tekenen en “mini-jobs” en “1 euro-jobs” aanvaarden (Ein-Euro Jobs: 1 tot 2,50 euro per uur voor vijftien tot dertig uur per week in aanvulling op de sociale uitkering).

Volgens Eurostat leidde dat niet alleen tot een verdubbeling van het armoedecijfer bij werklozen - van 35% in 2000 tot meer dan 75% in 2020 - maar ook tot het ontstaan van een klasse van “working poor”. Men ging ervan uit dat slechts 4% van de werknemers in Duitsland een armoederisico liep, maar dit cijfer steeg tot bijna 10% in 2015. Bij tijdelijke werknemers was dat zelfs 18% (contracten van bepaalde duur of uitzendkrachten). Omdat werknemers die gedwongen worden om een mini-job aan te nemen of gemeenschapsdienst te verrichten, concurreren met vaste banen, wat de arbeidsomstandigheden in het algemeen ontregelt.

Hetzelfde scenario deed zich voor in het Verenigd Koninkrijk. Werklozen die in het kader van het “Workfare”-programma verplicht worden gemeenschapsdienst te verrichten om hun uitkering te behouden, doen in winkels of rusthuizen vaak hetzelfde werk als gewone werknemers, maar dan onbetaald. De KUL onderzocht het resultaat: "De werknemer in loondienst kan op elk moment zijn baan verliezen en vervangen worden door een onbetaalde 'Workfare'-werknemer. Zo'n systeem oefent uiteraard een neerwaartse druk uit op de lonen en arbeidsomstandigheden, waardoor beide partijen uiteindelijk verarmen. Als je goed naar die ongewenste effecten kijkt, merk je al snel dat het 'Workfare'-programma banen vernietigt in plaats van ze te creëren."

Terug naar begin

De regionalisering van de controle op werklozen zet de deur open voor de opsplitsing van werkloosheidsuitkeringen

Uittreksel uit het Arizona-regeerakkoord:

"We maken meer regionaal maatwerk in de werkloosheidsreglementering mogelijk met meer autonomie, responsabilisering en samenwerking met de deelstaten."

"Elke gewestelijke dienst voor arbeidsmarktbemiddeling vult autonoom in hoe ze aan het einde van die periode via een ultiem jobaanbod de uitkeringsgerechtigde werklozen begeleidt richting het normaal economisch circuit." 

"De deelstaten kunnen de criteria voor een passende dienstbetrekking (zoals de maximale pendel-afstand en -tijd), de beschikbaarheid en vrijstelling van werkzoekenden (voor bv. opleiding of vrijwilligerswerk) en de strafmaat zelf bepalen en laten controleren door de regionale bemiddelingsdienst (Forem, VDAB, Actiris, Arbeitsamt)."

In naam van de activering van de werkzoekenden voorziet de overeenkomst in een verdere regionalisering van het toezicht en de controle op de werklozen. Een jobstudent uit Wallonië of Brussel die verplicht wordt te werken, kan bijvoorbeeld een concurrent worden van een laagbetaalde werknemer in Vlaanderen. En werknemers aan het eind van hun carrière die ontslagen worden in eenzelfde bedrijf, bijvoorbeeld Audi, zullen een andere behandeling krijgen afhankelijk van hun woonplaats. De vergelijking tussen de Gewesten in termen van genomen sancties zal verder worden beklemtoond. De volledige regionalisering van het toezicht op werklozen maakt de weg vrij voor almaar meer sancties en meer opsplitsing van de sociale zekerheid.

Terug naar begin

Het doel van Arizona is niet activering maar uitbuiting

Al met al is het akkoord van de Arizona-regering een frontale aanval op de arbeidsvoorwaarden van heel de werkende klasse, met een vermenigvuldiging van het aantal onzekere statuten, de ondermijning van de rechten van werknemers en de aanval op collectieve arbeidsovereenkomsten.

De Arizona-coalitie gebruikt de zogezegd lage werkzaamheidsgraad in België en de bedreiging die hij zou vormen voor de financiering van de sociale zekerheid als excuus voor een regelrechte aanval op de werkende klasse. Als deze maatregelen erdoor komen, zullen ze in eerste instantie de laagbetaalde werknemers verder verarmen en benadelen, de financiering van de sociale zekerheid ondermijnen en leiden tot het verlies van rechten voor alle werknemers.

Elke maatregel in het regeerakkoord is gericht op de individualisering van arbeidsrelaties, waarbij de collectieve normen, de arbeidsovereenkomsten en het sociaal overleg systematisch worden verzwakt en zelfs radicaal van tafel worden geveegd. De tekst wil de werknemers onderling isoleren, met elkaar doen concurreren en de vakbonden marginaliseren. Zo raken de werknemers hun collectieve verdedigingswapens kwijt. De zogenaamde modernisering van het arbeidsrecht is niets minder dan de terugkeer naar een tijd waarin arbeiders alles moesten slikken, met zo goed als geen bescherming.

Het echte probleem voor de werkgevers in België is niet de werkzaamheidsgraad. Die ligt binnen de Europese norm en is meer gestegen dan in de buurlanden. Het is evenmin de productiviteit, want die ligt hoger dan in de buurlanden. Het echte probleem is dat de Belgische arbeidsmarkt minder gedereguleerd is dan bij onze buren. De werkgevers willen van twee walletjes eten: een hoge productiviteit én een gedereguleerde arbeidsmarkt, om de werkers onder druk te zetten, de lonen te doen dalen en het aantal onzekere banen te doen toenemen. De Arizona-regering zet nu de deur wagenwijd voor hen open.

De productiviteit van de werknemers moet nog verder omhoog om de winsten van de grote bedrijven te spijzen. Daarom dereguleert Arizona het arbeidsrecht, om de werknemers onder druk te zetten. En voor wie dit helse tempo niet aankan, wil de regering met haar aanval op het recht om ziek te vallen, verhinderen dat je de tijd kan nemen om op adem te komen. Wie geen fatsoenlijke baan kan vinden, wil de regering onder druk zetten om eender welke baan met slechte arbeidsomstandigheden aan te nemen. Het doel is altijd hetzelfde: toestaan dat de grote bedrijven almaar grotere winsten maken door de werknemers langs alle kanten uit te knijpen als citroenen. 

"We kunnen niet rechtvaardigen dat mensen werkloos blijven omdat het loonaanbod laag is", was het recente commentaar van de Waalse MR-minister van Economie Pierre-Yves Jeholet, die zelf - en wij vinden dat niet uit - 11.000 euro per maand verdient. Dat is het echte doel: minder rechten voor alle werknemers om hen te dwingen goedkope banen te accepteren.

Terug naar begin

Eendracht maakt macht

De maatregelen van deze Arizona-regering, "modernisering" door onbeperkte flexibilisering en individualisering, zijn niets anders dan een frontale aanval op de collectieve bescherming van werknemers die door hun vakbonden is opgebouwd en verdedigd. Volledig willekeurige werktijden, zogenaamd "vrijwillig" overwerk à volonté, flexi-jobs, nul-urencontracten en soortgelijke regelingen zijn allemaal valstrikken, ontworpen om onze rechten te ondermijnen en de vakbonden te ontdoen van hun essentiële rol. Achter de façade van moderniteit gaat een logica schuil van ontmanteling, die de werkers wil isoleren en hen beroven van hun instrumenten om solidariteit op te bouwen. Het doel is de vakbonden buitenspel te zetten. Dit geeft de patroons de vrije hand om werkers genadeloos uit te buiten en hun winsten verder te verhogen. 

Tegenover dit offensief moeten we resoluut de verworvenheden verdedigen waar de werkers zo hard voor hebben gevochten. De 8-urige werkdag en de 38-urige werkweek, vaste contracten met stabiele werktijden, vrije tijd om te genieten van familie en vrienden, een verbod op nachtwerk en een sterke sociale zekerheid, zodat iedereen fatsoenlijk kan leven in een eerlijke en solidaire samenleving. De vakbonden moeten niet alleen bolwerken tegen uitbuiting blijven, maar ook hefbomen zijn voor de opbouw van een humane en sociale samenleving. Dat was de basis voor de naoorlogse generatie, voor ons is het dat vandaag nog steeds.

Door die verworvenheden aan te vallen toont de Arizona-regering nog maar eens dat ze de belangen van de machtigen dient in plaats van die van de werkende mensen. Maar de werkers weten dat hun kracht ligt in hun eenheid. 

Terug naar begin

Bijlage: mythen en legenden over de lage werkzaamheidsgraad in België

Vertegenwoordigers van werkgevers of rechtse politieke partijen zingen altijd hetzelfde riedeltje: het probleem in België is de lage werkzaamheidsgraad en de geringe productiviteit. We moeten ons spiegelen aan de buurlanden om meer mensen aan het werk te krijgen. We hebben er de cijfers van Eurostat, Bureau voor de Statistiek van de Europese Unie, bijgehaald. Die tonen een heel andere realiteit.

  1. De productiviteit per werknemer en per uur ligt in België 30% boven het Europese gemiddelde en hoger dan in Duitsland of Nederland.

  2. De werkzaamheidsgraad in België bedroeg 72% in 2022. Dat is lager dan het Europese gemiddelde van 75% of de niveaus van Duitsland (80%) en Nederland (85%). Maar het gemiddelde aantal gewerkte uren per jaar per werknemer ligt in België hoger dan in de buurlanden, doordat er bij ons minder deeltijdse en minder onzekere contracten zijn. Vermenigvuldigen we de werkzaamheidsgraad met het gemiddelde aantal gewerkte uren per jaar per werknemer, dan ligt de reële activiteitsgraad in België binnen het Europese gemiddelde.

  3. De reële werkzaamheidsgraad in België is meer gestegen dan in de buurlanden. De werkzaamheidsgraad is in België tussen 2000 en 2022 gestegen van 64% naar 72%, en het gemiddelde aantal uren per werknemer is in deze periode nauwelijks gedaald. De werkzaamheidsgraad in Duitsland en Nederland is sneller gestegen dan in België, maar ten koste van een daling van het aantal gewerkte uren per werknemer: dezelfde jobs zijn opgesplitst in meer onzekere, flexibele en deeltijdse jobs.

De doelstelling van een werkzaamheidscijfer van 80% in België is arbitrair, maar dient ter rechtvaardiging van een coherente aanval op de hele werkende klasse. Om een werkzaamheidsgraad van 80% te bereiken, moeten meer dan 500.000 mensen “geactiveerd” worden. Met de “activering” van de 300.000 werklozen komen we er niet, dus moeten alle “inactieven” aangesproken worden: (brug)gepensioneerden, langdurig zieken, mensen die buiten de arbeidsmarkt vallen (leefloners). Zogenaamd om de bedrijven aan te moedigen mensen aan te werven en werknemers te stimuleren een job te aanvaarden, flexibiliseert Arizona de arbeidsmarkt met de ontwikkeling van laagbetaalde jobs en een aanval op het recht op rusttijden en werktijden.

Een deregulering van de arbeidsmarkt is in feite het belangrijkste resultaat van vergelijkbaar beleid in Duitsland en Nederland, met veel meer deeltijdse werknemers, werkers die noodgedwongen een tweede baan nemen, nacht- en weekendwerkers, contracten van bepaalde duur of uitzendkrachten. Met als onmiddellijk gevolg: het aantal werkende armen neemt toe, vooral bij werkers met een onzekere baan en werklozen. Die maatregelen hebben niet geleid tot een stijging van de reële werkzaamheidsgraad. Als we de effectief gepresteerde uren in aanmerking nemen, dan ligt de werkzaamheidsgraad in Duitsland nu op het niveau van 1995, terwijl de arbeidsproductiviteit in Nederland, Duitsland, het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk is gedaald.