veiligheid

De PVDA eist dat er klaarheid komt over het treinongeval in Saint-Georges-sur-Meuse. Volksvertegenwoordiger Marco Van Hees zal daarover vandaag bevoegd minister Bellot in de Kamer interpelleren.

Het deel van het regeerakkoord over Defensie en Buitenlandse Zaken wordt gekenmerkt door een reeks maatregelen die onze toekomst dreigen te hypothekeren. Op het vlak van Defensie volgt de regering de budgettaire en militaire dictaten van de NAVO, die voor een groot deel bestaan uit investeringen. Op het vlak van buitenlandse handel zien we belangrijke engagementen in het kader van het vrijhandelsakkoord met de Verenigde Staten (het TTIP), die eveneens te maken hebben met de militaire alliantie. Op het vlak van ontwikkelingssamenwerking daarentegen wordt fors gehakt in de uitgaven. Tegelijk zien we hoe de regering gebruik wil maken van ontwikkelingssamenwerking, niet voor de ontwikkeling van de derdewereldlanden, maar voor de ontwikkeling van de economische en politieke doelen van het establishment.

Op 24 april 2013, stortte het Rana Plaza in. Het gebouw gaf onderdak aan vijf textielfabrieken. 1138 arbeiders kwamen om het leven, meer dan 2000 raakten gewond, de slachtoffers waren hoofdzakelijk vrouwen. Een jaar later zijn de slachtoffers nog steeds niet vergoed. De instorting van het Rana Plaza ging de geschiedenis in als het zwaarste ongeval in de textielindustrie ooit. De ramp is het gevolg van een dolgedraaide winsteconomie. ABVV en ACV herdachten één jaar later, op 24 april 2014, de slachtoffers met 1138 kaarsjes in de Wapper-fontein aan de Meir en in Brussel. Op de spandoeken: “Nooit meer Rana Plaza!”