Pensioenprivileges parlementsleden blijven dan toch nog bestaan

auteur: 

Kim De Witte

Wat de parlementsleden ons willen opleggen, doen ze liever zelf niet. Langer werken voor hun pensioen? Neen, dat zien zij niet zitten. Waarom moeten er andere regels blijven bestaan voor beroepspolitici dan voor de hele samenleving? 

Deze week ging er een akkoord komen tussen de voorzitters van de verschillende parlementen over het pensioen van de parlementsleden. Kamervoorzitter Siegfried Bracke (N-VA) werkte een ontwerpakkoord uit. Maar het ontwerp van Bracke focust op een hervorming van de pensioenen voor toekomstige parlementsleden. De parlementsleden die verkozen werden vóór 2014 zullen nog steeds hun pensioen kunnen opvragen vanaf 55 jaar als ze 20 jaar dienst hebben in één van de Belgische parlementen.

Op de vraag naar de verantwoording van deze voordelen antwoordt Bracke in de pers dat hij de verworven rechten van parlementsleden wil beschermen, omdat zij anders zouden kunnen beslissen vervroegd met pensioen te gaan, teneinde hun privileges te behouden (“Le principe est de conserver les droits acquis, sinon l'effet pervers serait de voir certains députés se précipiter pour prendre leur retraite calculée dans l'ancien système”, Le Soir Magazine van deze week, p. 25).

Twee maten en gewichten

Waarom zou dat niet gelden voor alle arbeiders en bedienden van ons land? Vele gewone werknemers die al twintig jaar gewerkt hebben, zullen maar al te graag dat deel van hun opgebouwde pensioenrechten opvragen vanaf de leeftijd van 55 jaar. Waarom zou dat mogen voor parlementsleden en niet voor de miljoenen arbeiders en bedienden? Waarom moeten er per se andere regels blijven bestaan voor beroepspolitici dan voor de hele samenleving? Of het nu gaat over verloning, ziekte-uitkeringen of pensioenen, mensen dulden dit soort van twee-maten-en-twee-gewichtenbeleid niet meer.

Ook het voorstel van het Vlaams parlement behoudt een aantal privileges. Parlementsleden die afzwaaien in 2019 zullen hun rechten op vervroegd pensioen behouden. Hetzelfde geldt voor alle parlementsleden die op minder dan vijf jaar van hun pensioen staan. Een hervorming in deze zin betekent dat premier Michel, minister Jambon of Bart De Wever nog steeds vervroegd met pensioen zullen kunnen gaan vanaf 60 jaar en netto rond de 3.000 euro per maand trekken, indien zij geen parlementair mandaat meer opnemen na 2019.

Onverantwoorde privileges

Hoe kunnen deze privileges anno 2017 nog worden verantwoord? En wanneer gaat er nu eens eindelijk een doorbraak komen in dit dossier? De beslissing om de pensioenleeftijd op te trekken voor alle werknemers werd genomen op twee maanden tijd. De discussie voor de parlementsleden duurt nu al twee jaar. Voortaan kunnen we misschien beter andersom werken: elke maatregel die parlementsleden willen opleggen aan de bevolking, moeten ze eerst toepassen op zichzelf. De absurde beslissing om te werken tot 67 jaar zou er wellicht nooit gekomen zijn.

Commentaar toevoegen

Bij het indienen van dit fomulier gaat u akkoord met het privacybeleid van Mollom.

Reacties

Heel eenvoudig: ik heb ook recht op pensioen op 55 jaar!
Waarde, dit tart alle verbeelding voor deze "armzielige" doch volleerd ambtenaar... zouden ter goeder trouw toch de zaakjes voor in bijzonder de zwakkere onderdanen in de samenleving & als a priori zouden behartigen naar beter algemeen welzijn als armoede bestrijding... niet dus & dualisme ten top gesprijst en best stapje opzij zetten gezien status en cumulatie affaire...! Voor wat betreft de pensioen leeftijd voor deze heren is het toch niet nodig om langer te werken gezien de som die worden uitbetaald en geen honger zullen lijden... daartegenover steeds de minder bedeelden of zwakke onderdanen telkens het gelag cash betalen en berusten in hun of lot... Ciao Dan