PVDA-voorzitter Peter Mertens en PVDA-volksvertegenwoordiger Raoul Hedebouw. (Foto Solidair)

Over de financiële principes van de PVDA en waarom men ons de correcte dotatie niet gunt

auteur: 

Ivo Flachet

Er is heel wat te doen de laatste maanden om de financiering van de PVDA. Niet in het minst omdat de partij, die sinds juni 2014 vertegenwoordigd is in het parlement, niet de volledige overheidsdotatie krijgt waar ze recht op heeft. Woensdagvoormiddag 8 februari om 11.00 u. buigt de “Controlecommissie betreffende de verkiezingsuitgaven en de Boekhouding van de politieke partijen” zich opnieuw over de dotaties van de PVDA. Hoe werkt het systeem van dotaties aan de politieke partijen? Waarom krijgt de partij al twee jaar en half niet de dotatie waar ze recht op heeft? En waarin verschilt de PVDA van de andere partijen?

1. De Belgische machtspartijen liggen aan het infuus van overheidssteun

Politieke partijen in België halen hun inkomsten uit 5 bronnen : overheidsdotaties, afdrachten van hun mandatarissen, lidgelden, giften en “andere” inkomsten. Gemiddeld halen de machtspartijen 83 procent van hun inkomsten uit belastinggeld. Bij de PVDA is dat 26 procent (cijfers van 2015 - zie tabel onderaan). De machtspartijen worden onderhouden en gevoed door het systeem. Bij de PVDA is dat anders. In 2015 kwam 45% van onze inkomsten van onze leden, 19% waren afdrachten van onze mandatarissen.

De grote partijen krijgen meer geld. Veel meer geld. De Belgische partijen liggen aan het infuus van overheidssteun. Ze zijn helemaal overgegeven aan belastinggeld. Ze kunnen niet meer zonder. Zeventig miljoen euro per jaar, zoveel trekken ze. De partij van De Wever strijkt jaarlijks 13,4 miljoen euro belastinggeld op. Die van Di Rupo krijgt elk jaar 9,8 miljoen euro van de overheid. Dan komen de Vlaamse christendemocraten met 8,3 miljoen, de Franstalige liberalen met 8,1 miljoen, de Vlaamse liberalen met 6,5 miljoen, de Vlaamse sociaaldemocraten met 6,1 miljoen, de Franstalige christendemocraten met 6 miljoen en de Vlaamse groenen met 3,7 miljoen.

Het jaarlijkse verslag van de “Controlecommissie betreffende de boekhouding van de politieke Partijen” laat zien: de partijen die het hardst hun afkeer van overheidsinmenging prediken, die van elke kansel de ontvetting van de staat afroepen en zichzelf lauweren met een aura van vrijheid en blijheid, net die partijen hangen het meest aan de subsidiekraan. De liberalen van Open Vld halen 95 procent van hun inkomsten bij de overheid die ze zo misprijzen en de Franstalige liberalen
83 procent.

Zo bekrachtigt het systeem zichzelf. De staatssteun wordt de financiële kern van die partijen. Ledenbijdragen zijn bij hen marginaal. Trends schreef daarover: “Partijen leven financieel niet dankzij hun leden. De ledenbijdragen vertegenwoordigen amper drie of vier procent van de inkomsten van een politieke partij. De uitzondering op de regel is de PVDA, die 45 procent van haar inkomsten haalt uit ledenbijdragen. Nochtans hebben zij sinds kort ook toegang tot publieke dotatie. In 2015 hebben de leden van de PVDA een miljoen euro aan hun partij gestort, dat is meer dan de optelsom van de ledenbijdragen van de twee grootste partijen van het land, de N-VA en de PS.”

Onze partij is een actieve ledenpartij, de leden staan centraal in de werking. Dat is een principe en dat willen we ook zo houden.

2. Waarom krijgt de partij al twee jaar en half niet de dotatie waar ze recht op heeft?

De PVDA haalde bij de verkiezingen in juni 2014 in het totaal 251.276 stemmen in heel België. We hadden voor het eerst 2 verkozenen in het Federaal Parlement. Hierdoor kregen we recht op een dotatie. Die wordt berekend op basis van het aantal stemmen die de partij gehaald heeft. Wij hebben voor een volledig jaar recht op 925.788 Euro, maar in plaats van dat bedrag krijgt de PVDA 572.234 Euro. Hierdoor lopen we elke maand 29.462 mis, nu al voor 2 jaar en half. Dat is een totaal bedrag van 883.884 Euro dat tot op heden niet werd uitbetaald.

Wat is hier aan de hand? Voor ons als nationale partij moeten normaal gesproken de stemmen van heel het land meetellen. Maar dat willen de machtspartijen niet. De politicologen Bart Maddens en Jef Smulders schrijven in De Morgen een opiniestuk onder de titel “Geef aan de PVDA wat de PVDA toekomt”: “Voor het eerst heeft die partij nu ook recht op een federale dotatie: 925.788 euro per jaar om precies te zijn. Dat is duidelijk niet naar de zin van de grote partijen. Op basis van juridische haarkloverij willen ze de PVDA een groot deel van dat bedrag afpakken. Het is een onverkwikkelijke affaire die zich nu al anderhalf jaar voortsleept en vreemd genoeg nauwelijks de media haalt.”

“Waarover gaat het?”, gaan Maddens en Smulders verder. “De PVDA haalde stemmen in zowel de Vlaamse als de Franstalige kieskringen. Logischerwijze moeten die allemaal worden meegeteld. Maar de partij kwam in de verschillende gewesten wel op met een ander logo en met een ander lijstnummer. Sommige politici grijpen dat nu aan om alleen de Franstalige stemmen mee te tellen voor de dotatie. Maar daar staat tegenover dat de PVDA geen nationaal lijstnummer kon krijgen omdat de partij nog geen verkozenen had. Bovendien laat de wet toe dat een partij logo’s heeft in de verschillende landstalen. De argumenten om haar de volledige dotatie te geven, zijn dan ook
overtuigender. Het is uiterst bedenkelijk dat de grote partijen zelf zo ongegeneerd in de staatskas graaien, maar de PVDA niet gunnen waar ze recht op heeft.”

Zo is het maar net. Uiteraard hebben we geen nationaal lijstnummer, want dat mocht niet als kleine partij. En uiteraard klinkt onze naam, en dus ons logo, anders in het Frans dan in het Nederlands. Dat heb je in een tweetalig land. Maar la Meuse blijft wel de Maas, en Doornik is Tournai.

“De politici zouden de partijen op die manier willen ontraden om zich nationaal te organiseren. Nu kun je voor of tegen nationale partijen zijn, maar de regels over partijfinanciering misbruiken om nationale partijen het leven zuur te maken, dat is er ver over”, schrijven Maddens en Smulders in hun opinie. Om dan te besluiten: “Deze zaak laat een wrange nasmaak achter. Je krijgt de indruk dat de gevestigde partijen de partijfinanciering manipuleren om het partijsysteem naar hun hand te zetten. Buitenparlementaire partijen blijven verstoken van subsidies. En als die dan toch doorbreken, dan zoekt men spijkers op laag water om de dotatie af te pakken of te verminderen.”

Dikwijls is het een goed idee de kijk van een buitenstaander toe te laten. Raampjes open, frisse visie. Van een Nederlander bijvoorbeeld. Tijn Sadée is correspondent van de krant NRC Handelsblad. Hij schrijft ook columns voor De Standaard. In zijn column van eind januari 2016 heeft hij het over “kinderachtige pesterijen” van de Belgische machtspartijen die “het nieuwkomertje PVDA” heel veel geld willen afnemen. “Zoals elke partij krijgt de PVDA uit de staatskas een dotatie. Hoe meer er op jou stemmen, hoe meer je krijgt. Maar de PVDA – de enige nationale partij, waar dus Vlamingen én Franstaligen op kunnen stemmen – gebruikte bij de verkiezingen in 2014 logo’s in verschillende landstalen. En dat is van twee walletjes eten, vinden de grote partijen die eisen dat de PVDA alleen haar Franstalige stemmen laat meetellen in de dotatie. Kostenplaatje voor de ultralinksen: 353.554 euro”, schrijft de Nederlandse journalist geërgerd.

3. De PVDA, de grondlegger van de politieke crowdfunding in België

Je zou kunnen stellen dat de PVDA de grondlegger is van de politieke crowdfunding in België. De linkse partij steunt veel meer dan de andere partijen op veel kleine giften en inkomsten van bijvoorbeeld de verkoop van het maandblad Solidair. In de jaren waarin er belangrijke verkiezingscampagnes zijn, kan de PVDA rekenen op heel wat steun van vrienden en sympathisanten. Ook op dat vlak is de PVDA uitzonderlijk. In 2014 kreeg de partij zo 267.585 Euro steun. In dat jaar deden 1.496 mensen een schenking aan de PVDA waarvan 411 voor een bedrag tussen de 125 en de 500 €. Via steunpotjes en steunactiviteiten werd in 2014 ongeveer 89.000 € ingezameld. In 2015 lag de steun heel wat lager omdat er in dat jaar geen verkiezingen waren.

Voor ons is dat belangrijk omdat wij onze partij willen opbouwen zonder aan het infuus te liggen van de overheidsdotaties. Tijdens onze campagnes roepen wij de mensen daarom onmiddellijk op om ons te steunen. Wij gaan met petities tegen de Turteltaks van deur tot deur. Wij halen steun op voor het proces tegen die onrechtvaardige belasting. Wij steunen op zo veel mogelijk inzet van vrienden rond de partij. We willen een partij van en voor iedereen zijn, een beetje zoals bij Bernie Sanders, de linkse presidentskandidaat in de VS die wel had kunnen winnen tegen Trump.

Sanders is er in geslaagd om met zijn grassrootsbeweging een immens budget bijeen te brengen op basis van miljoenen eerder kleine giften. Hij mikte op 12,50 dollar. Vele kleintjes maken een groot budget. Tussen de start van de campagne en maart 2016 had Bernie Sanders maar liefst 96 miljoen dollar ingezameld bij bijna 5 miljoen verschillende donors. Drie kwart van deze donaties was minder dan 200 dollar, en het gemiddelde dat mensen gaven was 27 dollar. In een politiek klimaat dat volledig gedomineerd wordt door professionele lobbygroepen van de establishmentspartijen was dat een enorme prestatie. Het is een toepassing van het principe om als politieke partij op de inzet van de mensen te steunen. 

De lidgelden en giften aan de PVDA maken de kracht van de partij. Ze zijn noodzakelijk om onafhankelijk te kunnen blijven. Onze leden dragen graag zo bij tot ons maatschappelijk project.

4. Waarom onze mandatarissen aan een gemiddeld werknemersloon leven

Wij volgen met de PVDA dezelfde ethische code als Ada Colau, de linkse burgemeester van Barcelona. Nieuwe politiek, dat betekent een nieuwe ethische code. Zij voerde zero tolerance in voor corruptie, maakte een einde aan de draaideur tussen politiek en bedrijfsleven en beperkte ook de herverkiesbaarheid van politici. Die code is voor haar niet alleen een kwestie van woorden, maar ook van daden. Ze heeft beslist haar eigen salaris voortaan met zestig procent te korten. Ze verdient nu 2.200 euro netto per maand, een bedrag waarvoor een aantal politici in ons land niet eens uit hun huis komen.

De mandatarissen en kaderleden van de PVDA passen dat zelfde principe toe. Zij leven aan een gemiddeld werknemersloon. Neem nu Ruddy Warnier, een van onze twee gekozenen in het Waalse Parlement. Als chauffagist verdiende hij nooit meer dan vijftienhonderd euro per maand. Sinds hij is verkozen, wordt hij overladen met loon. “Alleen al mijn maandelijkse forfaitaire onkostenvergoeding van tweeduizend euro is hoger dan wat ik ooit verdiende”, lacht hij. Met 5.820 euro netto krijgt hij nu bijna vier keer meer dan zijn vorig loon. Ruddy staat erop toch aan een gemiddeld werknemersloon te blijven leven en stort het overige bedrag door naar de partij. Het contrast met zijn collega’s is groot. Wat voor de ene slechts een “vergoeding voor beroepsonkosten” is, is voor de andere een volledig inkomen. De kloof tussen twee manieren van aan politiek doen wordt dan opeens heel aanschouwelijk. Nee, je kan geen geloofwaardigheid opbouwen door links te lullen en rechts te vullen.

Als wij een cumulverbod tussen politieke en private bestuursmandaten vragen, en een ontluizingsperiode van vijf jaar, dan is het daarom. Wie corruptie aanklaagt, zelfverrijking op de korrel neemt en de hele Davos-consensus wil opheffen, moet sterk in de schoenen staan en zelf onbesproken zijn. Practice what you preach, geen woorden maar daden. Die integriteit zal een hoeksteen zijn van elke linkse herbronning.

Dit artikel komt uit het maandblad Solidair van maart  2017Abonnement.

Commentaar toevoegen

Bij het indienen van dit fomulier gaat u akkoord met het privacybeleid van Mollom.

Reacties

werkelijk een schande,een partij zijn rechtmatige dotatie te ontzeggen omwille van politiek opportunisme,dit neigt naar tiranieke manipulering die de democratische werking van de staat ondergraaft. Ik hoop dat pvda-ptb dit met alle middelen bestrijdt,aan de grote klok hangt,tot voor de rechtbank...
Mijn stem krijg zeker zeker zeker terug. Onze regering is helemaal niet sociaal en zeker NVA . We gaan nu meer achteruit dan vooruit met die rijke vloeien.
Beste, Sta me toe u een mooi voorbeeld te geven van graaicultuur en dit ook door verscheidene regeringen. Ik ben een voltijds werknemer met een gemiddeld maandloon. Daarbij ben ik zelfstandige in bijberoep. De zaak draait zeer goed wat mij op het einde van de rit een riant maandinkomen verschaft. Ik werk +/- 18 hr per dag. Als men op legale wijze veel centen verdiend is het normaal dat je meer belastingen betaald etc. Op mijn inkomen als loontrekkende betaal ik zoals iedereen belastingen en soc. bijdragen. Op mijn inkomen als zelfstandige in bijberoep betaal ik belastingen, uiteraard, maar ook wederom soc.bijdragen +/- 2500€/jaar. Dit laatste is verwonderlijk aangezien ik geen enkel bijkomend voordeel krijg voor mijn bijkomende bijdrage. Bij ziekte wordt mijn uitkering berekend enkel op het werknemersloon. Voor het pensioen wordt geen rekening gehouden met het aantal gewerkte dagen, noch met de extra bijdrage welke ieder jaar worden betaald in het kader van mijn zelfstandige activiteit. Kortweg, men krijgt niets terug voor al de extra bijdrage die men leverde. Op mijn vraag om volledig loontrekkende te zijn en volledig zelfstandige, zodoende betaal ik bijna evenveel doch dient men met alles wel rekening te houden, kreeg ik een negatief antwoord. Mijn inziens zou dit een eerlijker oplossing kunnen zijn. Eigenaardig genoeg blijkt dit niet te kunnen. Dus al jaren betalen vele hardwerkende mensen (zelfstandigen in bijberoep) onterecht duizenden euro's soc. bijdragen waarvoor men 0,0 terugkrijgt. Raar is ook dat geen enkel bevoegd minister hiervoor met de neus op de feiten wordt gedrukt Misschien moet er eerst een boek over verschijnen. Mvg.