(Foto Solidair, Vinciane Convens)

“Onderwijs is een recht, geen voorrecht”: studenten uit hele land geven gemeenschappelijke boodschap aan regeringen

In totaal kwamen over heel het land meer dan 1.000 studenten op straat voor de Internationale Dag van de Student. De mobilisatie van maandag was “een eerste antwoord aan de ministers”. “Samen strijden we, Nederlandstaligen en Franstaligen, voor een kwaliteitsvol en toegankelijk onderwijs”, stelden de studentenvertegenwoordigers op het eind van de betoging in Brussel.

“Bespaar niet op onze toekomst”, “onderwijs is een recht, daarover valt niet te onderhandelen”, dat waren enkele van de meest gescandeerde slogans maandag 17 november in alle grote studentensteden. Van Gent tot Hasselt en van Luik tot Louvain-la-Neuve en Brussel... In totaal kwamen over heel het land meer dan 1.000 studenten op straat voor de Internationale Dag van de Student. Vaak met veel creativiteit en heel vastberaden. Niet te verwonderen gezien de zware aanvallen die de studentenbeweging op zich af ziet komen, zowel aan Nederlandstalige als aan Franstalige kant. De mobilisatie van maandag was “een eerste antwoord aan de ministers”. “Samen strijden we, Nederlandstaligen en Franstaligen, voor een kwaliteitsvol en toegankelijk onderwijs”, stelden de studentenvertegenwoordigers op het eind van de betoging in Brussel.

Vorig jaar nog was 17 november gewoon een dag van reflectie die enkele tientallen studentenvertegenwoordigers bijeenbracht voor discussie en evaluatie. Dit jaar waren, gezien de omstandigheden, de studenten op straat gekomen

Verscheidenheid, eenheid en vastberadenheid

Wat vooral opviel op deze Internationale Dag van de Student was hoe creatief de studenten actie voerden. Zo hebben de delegaties van Gent en Leuven respectievelijk 55 km gefietst en 30 km gewandeld naar Brussel om hun boodschap tot aan het kabinet van de Onderwijsminister te brengen. Een duidelijk statement dat om te tonen dat ze over heel doorzettingsvermogen beschikken.

“We laten dit niet los”, sprak de woordvoerder van de delegatie fietsers. “De minister vergist zich. Onderwijs moet een prioriteit zijn voor de samenleving en we erin moeten investeren. Iedere dag zien we op de campussen dat de overgrote meerderheid van de studenten dit beleid van de Vlaamse regering niet steunt. Onlangs organiseerden we nog een referendum rond de regeringsmaatregelen en de 4.500 studenten die stemden tonen heel duidelijk dat 90% van de studenten tegen de besparingsmaatregelen zijn en tegen elke verhoging van het inschrijvingsgeld. Die besparingen waren bovendien nergens te vinden in de verkiezingsprogramma’s van de regeringspartijen.”

“Wij vragen van de minister om een ander beleid te voeren. Zo niet, komen we terug”, voegde een van de wandelaars uit Leuven eraan toe.

Op hetzelfde moment werden in Hasselt en in Namen een sit-in en een flashmob georganiseerd. Symbolische acties rond het beeld van de schoppenaas, het symbool van de Vlaamse studentenbeweging. In Brussel waren er meer dan 300 Franstalige en Nederlandstalige studenten op een gemeenschappelijke betoging die vertrok van het Franstalig ministerie van hoger onderwijs tot aan het Nederlandstalige. Die eenheid werd ook gesteund door de jongerenvakbonden, zowel ABVV als ACV, die overal in het land aanwezig waren.

Corinne Martin, voorzitter van de FEF (federatie van Franstalige studenten) eindigde haar toespraak door te zeggen dat “dit nog maar het begin is. Samen, Franstalig en Nederlandstalig, strijden we voor een kwaliteitsvol en toegankelijk onderwijs voor iedereen”. Een strijd die nu zeer actueel is, aangezien de aanvallen op het onderwijs maar blijven komen.

Strijd tegen ongelijkheid op de agenda

Maandagmorgen werd vanuit de KU Leuven een voorstel gelanceerd om jongeren die voor minder dan 30% van de studiepunten voor hun eerste jaar bachelor slagen te verbieden om zich in dezelfde richting in te schrijven. “Een nieuwe duidelijke keuze voor een elitair onderwijs. Een van velen”, reageerde PVDA-jongerenbeweging Comac onmiddellijk bij monde van haar woordvoerder Jos D'Haese. “In plaats van hen te helpen, gaan we studenten sanctioneren die het het meest moeilijk hebben. Het zijn zij die uit de minst goeie scholen en minder bedeelde sociaaleconomische leefomstandigheden komen. Dezelfden die vaak studeren moeten combineren met werken. Dezelfden die zullen geraakt worden door de verhoging van het inschrijvingsgeld met 40%. Dezelfden die zullen geraakt worden door het afschaffen van het aanmoedigingsfonds. En ook dezelfden die het meest geraakt zullen worden door de meer dan 400 miljoen besparingen op hoger onderwijs, vooral op sociale programma's en begeleiding. En op hetzelfde moment trekt de minister haar steun in voor maatregelen om ongelijkheden in het onderwijs te bestrijden met het gelijkonderwijskansendecreet. Dat allemaal samen is een duidelijke keuze om de strijd tegen ongelijkheid te stoppen. Dat kunnen we niet aanvaarden”.

Aan Franstalige kant wordt dezelfde weg ingeslagen. Minister van Hoger Onderwijs Marcourt had het over een “kleine” verhoging van het inschrijvingsgeld. Ook worden gelijkaardige maatregelen genomen zowel in het verplicht als in het hoger onderwijs: een niet-indexatie van de sociale budgetten en geld voor studiebegeleiding en democratisering, en een terugtrekking van middelen die aan scholen, die jongeren die het moeilijker hebben ontvangen (het gedifferentieerd onderwijs), gegeven werden.

Aan Franstalige kant was de rode draad doorheen de studentenmobilisatie ook de algemene verhoging van de studiekosten. In Louvain-la-Neuve en in Luik, hekelden de studenten ook de verhoging van de prijzen van de homes, het openbaar vervoer en de studiebegeleiding. Zeker in volle crisis brengt dat een barrière mee voor de toegang aan het onderwijs. Zeker als de ministers er nog een verhoging van het inschrijvingsgeld bijvoegen...

Dan hebben we het nog niet gehad over de plannen om naar een strengere selectie te gaan als studenten hun studies beginnen die zowel in de regeerakkoorden van de Nederlandstalige als de Franstalige regeringen vermeld staan.

Een stap in een langere en grotere strijd

Ook al hadden heel wat mensen hardere acties gewild – gezien de ernst van de aanvallen – toch werd er op de Internationale Dag van de Student nooit eerder zoveel actie gevoerd door zoveel mensen in zoveel verschillende steden in ons land. Nog nooit was de beweging ook zo strijdbaar. Want, hoewel er een duidelijke boodschap was rond onderwijs, gingen de eisen van de jongeren veel breder. Zowel de FEF als de jongerenvakbonden en de actiegroepen op de campussen in Vlaanderen hadden het ook over meer algemene bedreigingen voor de toekomst van de jeugd, maatregelen van de verschillende regeringen die de toekomst van de jongeren in gevaar. Ze wezen dan ook op het belang om mee te stappen in een bredere beweging tegen alle besparingen. Een oproep die ook vertaald wordt in het voornemen om actief de studentenbeweging mee te mobiliseren aan de kant van de werkende bevolking op de provinciale actiedagen van 24 november en 1 en 8 december, en op de algemene staking van 15 december.

Een beweging die dus nu moet uitgebouwd worden op vlak van de studenten. Bij deze de uitdaging voor de komende maanden, maar het lijkt erop dat de studenten zeer vastberaden zijn.

Eveneens maandag maakten zo’n 2.000 professoren, onderzoekers en personeelsleden uit het Nederlandstalig hoger onderwijs bekend dat ze een petitie tekenden waarin ze de strijd van de studenten steunen. Ook zij eisen de intrekking van alle maatregelen tegen het onderwijs in Vlaanderen en pleiten voor een echt publiek investeringsplan voor onderwijs en onderzoek.

Commentaar toevoegen

You must have Javascript enabled to use this form.