Foto Cyrille Graslin / CGT

Frankrijk: de sociale lente staat op de rails

Spoorwegpersoneel, vuilnismannen, piloten van Air France, elektriciens, studenten ... Het lijkt wel alsof er zich elke week een nieuwe sector aansluit bij de groeiende sociale beweging in Frankrijk. Er broeit iets bij onze zuiderburen en het kan van belang zijn voor de werkende bevolking van heel Europa.

Bepaalde Franse media doen hun best om zoveel mogelijk misnoegde treinreizigers aan het woord te laten. En dat zijn er uiteindelijk niet zo veel. Al wekenlang zetten de kranten strijdende werknemers op hun voorpagina’s. Of een minister van de regering die duidelijk in moeilijkheden zit, of de president zelf … Wat is er aan de gang in Frankrijk, en wat is het belang van deze beweging waarvan we soms niet goed kunnen inschatten hoe groot ze is en waarover ze gaat?

“Ingrijpende transformaties zijn gestart en zullen in 2018 doorgaan met dezelfde kracht, hetzelfde tempo en dezelfde intensiteit.” In zijn nieuwjaarstoespraak kondigde de Franse president Emmanuel Macron meteen aan dat hij op de ingeslagen weg verder wilde: snel gaan, “hervormen”, doorduwen ... En onderweg: alle sociale verworvenheden afbreken.

SNCF, een symbool

“De hervorming van de Franse spoorwegmaatschappij SNCF is van symbolisch belang voor de president, elf maanden na zijn verkiezing. Emmanuel Macron, die Europa wil laten herleven, wil laten zien dat Frankrijk de structurele hervormingen uitvoert die de EU eist. Een strikt begrotingsbeleid moet een teken zijn van goede wil om de steun van Duitsland te krijgen voor zijn plannen voor Europa”, schreef Le Soir.1

In september kondigde de Franse president aan dat hij het Europese bestuur wil versterken en zelfs plannen heeft voor een regering van de eurozone. Dat betekent ongetwijfeld meer besparingen, meer liberalisering en meer privatiseringen. Maar de Duitse bondskanselier Angela Merkel wil niet meer macht overdragen aan de Europese Commissie als Frankrijk niet eerst in de richting van het Duitse model gaat. Op dit punt zijn Macron en Merkel het eens: om tot een liberaal Europa te komen, moeten de openbare diensten in Frankrijk vernietigd worden.

De (voormalige?) bankier van Rothschild is steeds verder gegaan met het afbreken van de arbeidswetgeving (eerst was er de Loi Travail die hij invoerde als minister, daarna werd dat een Loi Travail XXL toen hij president was). Macron minacht vakbonden en zelfs de democratie (hij voerde wetten door zonder debat in het parlement, hij zette zwaarbewapende politieagenten in om bezettingen van universiteiten te breken en om de bezetters van Notre-Dame-des-Landes gewelddadig aan te pakken …

En het zijn spoorwerknemers en treinreizigers die nu de prijs betalen. Macron wil van de SNCF een voorbeeld maken.

Spoorwerkers, in heel Europa een arbeidersbastion

Waarom de SNCF aanpakken? Spoorwerkers zijn veel vaker aangesloten bij een vakbond dan werknemers in andere sectoren. Bij het spoor ligt de syndicaliseringsgraad tussen 20 en 25%, het nationale gemiddelde is 7 à 8%. Historisch gezien is er veel sympathie voor mensen die bij het spoor werken. Hun strijdlust tijdens de beweging van 1936 die zou leiden tot betaalde vakanties, hun deelname aan het verzet tijdens WOII en aan mei ’68 … Het spoor is een sector die veel Fransen nauw aan het hart ligt. Ondanks aanvallen in de media door opiniemakers van de gevestigde orde (“het spoorpersoneel heeft veel privileges”, “ze gijzelen het land”, “hervormingen afwijzen is conservatief” ...) steunt de helft van de Franse bevolking de beweging. Wat opmerkelijk is voor een staking van deze omvang (er wordt afwisselend twee dagen gestaakt en drie dagen gewerkt tot eind juni). De steun is ook financieel. Via het internet werd op drie weken tijd al meer dan 700.000 euro steun opgehaald. Die steun is noodzakelijk voor de vakbonden die over minder middelen beschikken dan de grote bedrijven die Macron en zijn regering verdedigen.

(Lees het artikel “Franse ‘spoorstrijd’ tegen Macron”)

Het verzet van de Franse spoorwegwerknemers is belangrijk voor heel Europa. De “spoorstrijd” is een Europese uitdaging. Overal waar de spoorwegen nog niet geprivatiseerd zijn, moet dat van de Europese Unie gebeuren, of in elk geval moet de sector voorbereid worden op concurrentie met de privésector. Het duidelijkste voorbeeld is Groot-Brittannië. In de jaren tachtig viel de conservatieve premier Margaret Thatcher direct de spoorwegvakbonden aan. Het doel? De locomotief van het Britse sociale verzet breken. In het licht van aanvallen van het hele lokale en Europese establishment werd het spoor geprivatiseerd. Gevolg? De Britten betalen hun treinticket drie tot vier keer duurder, problemen hopen zich op in het netwerk en er zijn geregeld ongelukken.

Het spoor aanpakken, gevaarlijk voor een regering …

Waar het spoor geheel of gedeeltelijk geprivatiseerd is, stapelen de problemen en de vertragingen zich op. Op het Japanse spoornet zijn, bijvoorbeeld, zeven bedrijven actief. Resultaat? Onderhoud wordt uitbesteed aan bedrijven die vooral ongeschoolde interimwerknemers in dienst hebben. Ernstige ongevallen zijn er schering en inslag (in 2005 stierven 106 passagiers bij een ongeval). Als reactie op dit soort tragedies besliste een bedrijf om bepaalde lijnen … af te schaffen. En de reizigers? Ze nemen nu de bus. Geen enkele van die zeven Japanse bedrijven behield “kleine” lijnen in landelijke gebieden. Die zijn niet winstgevend genoeg.

De werknemers van de spoorwegen aanvallen houdt – helaas voor Macron en Co. – heel wat risico’s in. De Franse ex-premier Alain Juppé kan daarvan getuigen. In 1995 wilde hij de ambtenarenpensioenen aanpakken. Hij veroorzaakte op die manier de grootste sociale beweging sinds mei ’68. De druk van de straat werd zo groot dat Juppé zijn plan moest opgeven. Het jaar nadien verloor rechts de vervroegde parlementsverkiezingen en Juppé moest opstappen.

En deze keer? De eerste actiedagen (met stakingen betogingen) van 22 maart brachten linkse krachten samen die nog gevormd waren door de strijd tegen de Arbeidswet van 2016. De wet werd wel goedgekeurd, maar het massale protest liet zijn sporen na.

Kan een sociale beweging die in staat is resultaten te behalen hierop groeien? Het is nog te vroeg om dat te zeggen, maar de CGT, de meerderheidsvakbond in de sector, is goed voorbereid.

“Anderhalf jaar geleden zijn we met het verzet gestart”, legt de algemeen secretaris van CGT Cheminots, Laurent Brun, uit.2 “Het grote probleem waarop we stootten was fatalisme. Overal waren de spoorwegarbeiders ontevreden, maar ze zeiden: ‘Ze moeten niet van ons weten, we kunnen niets doen.’ De spoorwegwerkers dachten dat ze alleen stonden. Dat beeld moesten we doorbreken door contacten met reizigers te leggen, door ontmoetingen te regelen.” Met succes als we zien hoe de helft van de bevolking achter de acties staat ... ondanks de reactie van de werkgevers. De Franse werkgeversorganisatie MEDEF en haar bondgenoten probeerden alles om de beweging in diskrediet te brengen. “Een beetje concurrentie zorgt ervoor dat mensen vooruitgaan, concurrentie laat mensen evolueren”, aldus MEDEF-voorzitter Pierre Gattaz.3 “De vakbonden werden na de oorlog werden opgericht om te reageren op een realiteit die niet meer bestaat”, daagde de voorzitster van een andere werkgeversorganisatie uit. Zij moedigde de voorzitter van de SNCF aan om “een klacht in te dienen tegen wie verhindert dat anderen kunnen gaan werken.”

Niet alleen op de stoep

Sinds enkele weken voeren ook de studenten mee strijd. In het begin werden een dertigtal faculteiten bezet als reactie tegen de selectie op de universiteit. Ondertussen hebben veel studenten hun eisen uitgebreid. Ze kregen al een reactie van de regering: ze werden met geweld ontzet door ordetroepen die een handje geholpen werden door extreemrechtse milities.

De repressie van de overheid stopt niet in de aula’s. De bezetters van Notre-Dame-des-Landes (nabij Nantes), die met succes de aanleg van een luchthaven verhinderden, worden met zwaar geweld verdreven. Op het moment dat we deze regels schrijven, zien we beelden van tanks in het midden van het Franse platteland. Onwerkelijk ...

Maar laten we teruggaan naar de sociale beweging geleid door spoorwegwerkers, samen met vele andere sectoren.

Werknemers van alle overheidsdiensten kwamen ook in beweging. Over de vakbondsgrenzen heen strijden ze tegen de bezuinigingen op de overheidsbegrotingen, de bevriezing van de lonen, personeelsvermindering ... Vooral de ziekenhuizen worden getroffen door de regeringsmaatregelen. Als reactie op aanvallen van de overheid organiseren vakbonden een dag van mobilisatie op 22 mei.

In de rusthuizen begon de beweging al vorig jaar. Sindsdien waren er stakingen en een actiedag, mét gepensioneerden. Werknemers in de sector, vooral vrouwen, wijzen al lang op de onderfinanciering van instellingen en meer in het algemeen op de afbouw van hulp aan ouderen door de overheid. Ook het rusthuispersoneel was aanwezig op 22 maart.

De strijd van de spoorwegwerknemers inspireerde ook de werknemers van Air France. Ook door wordt nu met onderbrekingen gestaakt. Het personeel eist 6% loonsverhoging. Het management verwaardigt zich om 1% toe te kennen. En over twee jaar nog wel. De vakbonden hebben al een nieuwe stakingsaanzegging voor een dezer dagen ingediend.

Op weg naar een “lente van strijd”?

Ook voor vuilnismannen is teveel teveel. Ze vragen een nationale openbare afvaldienst en ze willen dat hun werk als zwaar beroep wordt erkend. Ook hier zijn er werkonderbrekingen. De vakbonden hebben de werkgevers en de regering al gewaarschuwd: we stevenen af op een “lente van strijd” ...

Idem bij de werknemers van de energiesectorarbeiders. Samen met de vakbond Nationale Federatie van Mijnen en Energie (FNME-CGT) kondigden ze “drie maanden van strijd om te winnen” aan, van april tot juni. Net als de vuilnisophalers, werknemers van de elektriciteits- en gassector een openbare dienst voor elektriciteit en gas. Laurent Heredia, woordvoerder van de FNME-CGT: “We zullen in actie komen met de spoorwegarbeiders, de werknemers van Carrefour en al degenen die hun rechten en hun baan verdedigen. We hebben een gemeenschappelijke zorg: de verdediging van de openbare dienst en de versterking ervan ten dienste van iedereen.”4

“Ik zie het niet graag gebeuren dat de strijdbewegingen samenkomen”, zei de Franse premier Edouard Philippe in Le Parisien op 8 april. Reactie van de politicoloog en lid van de linkse partij la France Insoumise (FI), Thomas Guénolé: “Schrik dat de strijdbewegingen samenkomen? Waarom schrik? Het is iets dat ons eerder zou moeten verheugen. Als grote stakingen de economie blokkeren, capituleert de overheid. 1919, 1936, 1953, 1968, 1995 ... Zonder uitzondering.”5

“Jullie strijd is een garantie voor de toekomst”

Maar het beste antwoord komt van de straat. Op 19 april en 22 mei, de volgende data van gezamenlijke acties zullen spoorwegwerkers en werknemers van de openbare diensten samenkomen, samen met studenten en werknemers uit andere sectoren. Opnieuw.

Op 22 maart maakten meer dan 200 Belgische spoorwegwerknemers de trip naar Parijs om met hun Franse collega’s mee te stappen. De delegaties van hier bereiden zich al voor op deelname aan toekomstige acties.

En net zoals tijdens de mobilisatiedag van 22 maart zullen de PVDA en PVDA-studentenbeweging ook weer aanwezig zijn.

Want, zoals de filosoof Henri Pena-Ruiz het zo treffend verwoordt: “Spoorwegvrienden, hou vol, want jullie strijd is universeel. Buiten je werk- en leefomstandigheden, dat geen enkel voorwendsel ons in staat zou moeten stellen om te negeren, verdedigen jullie het algemeen belang. Tegen de denigrerende berichtgeving in de media in, zijn we steeds talrijker om u te ondersteunen, omdat jullie beweging een voorbeeld is. Jullie dragen het solidaristische ideaal van de openbare dienst. Jullie strijd is een garantie voor de toekomst. De toekomst van een samenleving die het idee van gemeenschappelijke goederen behoudt.”6

1. “Pourquoi la bataille du rail est capitale pour Macron”, Le Soir, 4 april 2018
2. “Les cheminots préparent leur résistance ‘depuis un an et demi’”, L’Humanité, 7 april 2018
3. “Le patronat veut faire la peau à la grève”, L’Humanité, 11 april 2018
4. “Les autres foyers de contestation”, Libération, 4 april 2018
5. “Les informés”, France Info, 4 april 2018
6. “C’est l’intérêt général que défendent les cheminots”, Libération, 9 april 2018

Commentaar toevoegen

You must have Javascript enabled to use this form.