Ter gelegenheid van de klimaattop in Bonn (COP23) werden heel wat sensibiliseringsacties rond het klimaar op poten gezet. De PVDA en Comac blokkeerde bijvoorbeeld een erg vervuilende open-pit bruinkoolmijn in het Duitse Rijnland. (Foto Solidair, Robin Bruyère)

Erkennen dat het huidige beleid onvoldoende is: eerste stap naar een plan om het klimaat te redden

In Bonn vond de internationale klimaattop (COP23) plaats. De Belgische parlementaire probeerden verwoed om een interparlementaire verklaring over het klimaat voor te leggen. Pijnlijk: het verklaringsvoorstel blijkt een rookscherm waarin becijferde, ambitieuze en bindende engagementen ontbreken en dat de mislukking van het Belgische klimaatbeleid probeert te verbergen.

Tegenover dat ontoereikende voorstel, stelt de PVDA echter 6 wijzigingen voor om concrete engagementen in de verklaring op te nemen. Zo kan die echt een hefboom zijn voor een efficiënt en ambitieus klimaatbeleid. Dat hebben we broodnodig om de bevolking te mobiliseren om radicaal de koers van de huidige klimaatcrisis te veranderen.  

De 6 wijzigingen die de PVDA voorlegt:

1. Erkennen dat het huidige beleid onvoldoende is

De verklaring die nu voorligt, vertrekt vanuit het principe dat België een pionier is inzake het klimaatbeleid. Het bevat geen kritiek op de actuele situatie. Nochtans tonen de laatste cijfers aan dat België slabakt en dat het zijn klimaatobjectieven voor 2020 niet zal halen. Tussen 1990 en 2017 heeft ons land de uitstoot van broeigassen slechts met 1% per jaar verlaagd. Om in 2050 neutraliteit te bereiken, zoals voorzien in het Klimaatakkoord van Parijs, moet die uitstoot met minstens 8% per jaar verminderen. België moet dus acht keer meer inspanningen doen. Onmiddellijk. Want tussen 2014 tot 2016, zijn er in ons land broeikasgassen bijgekomen, in plaats van dat ze verminderd zijn. En de partijen die aan de macht zijn, proberen ondertussen de gevestigde Europese objectieven voor 2030 nog wat af te schaven, in plaats van ze serieus in handen te nemen en iets te doen.

De evolutie van de uitstoot van broeikasgassen in België. Grafiek: Le Soir.

De eerste stap naar een sterk engagement voor het klimaat, is de situatie erkennen en ze niet proberen te verdoezelen.

2. Bindende en ambitieuze doelstellingen vastleggen in overeenstemming met de noden

De beloftes die werden gedaan in Parijs, leiden ons nog altijd naar een opwarming van 3 à 4 graden in 2100. Willen we 50% kans hebben om onder 1,5 graad opwarming te blijven, dan mogen we niet meer koolstof uitstoten dan 400 gigaton. Vandaag de dag stoten we op een jaar tijd ongeveer 40 gigaton uit. Dat betekent dus dat we op 10 jaar tijd, het hele budget zullen hebben opgemaakt. We zouden dus onze uitstoot van broeikasgassen met 8 à 20% per jaar moeten verminderen. Daarnaast moeten we de CO2 in de atmosfeer proberen op te vangen en de broeikasgassen uit de atmosfeer te verwijderen, de zogenaamde negatieve emissie. Die negatieve emissie moet ons helpen om naar een koolstofneutrale maatschappij (met netto nul broeikasgassen uitgestoot) te gaan.

De doelen die vastgelegd werden voor 2020 en 2030 zijn 40% minder emissie op Europees niveau en 35% minder op Belgisch niveau. Ruimschoots onvoldoende dus. Toch doen onze regeringen wel erg weinig moeite om die te proberen halen. Daar moet dus dringend verandering in komen, maar we moeten ook kijken hoe de doelstellingen verhoogd kunnen worden met de noden van de wereld in het achterhoofd. De PVDA stelt voor dat we de Belgische uitstoot met 55 tot 60% proberen vermindering tegen 2030, in plaats van de 35% opgelegd door de EU. De meest geloofwaardige schattingen, zeggen dat we dat nodig hebben om het klimaat te redden.1 Het percentage hernieuwbare energie in 2030, zou 50% moeten zijn, ofwel het dubbele van de huidige Belgische ambities.

3. De kernuitstap bevestigen en de energieovergang nu al voorbereiden

De partijen van de meerderheid hebben bewust geweigerd de datum vast te leggen van de Belgische kernuitstap. Sinds kort weten we dat het VBO en Engie-Electrabel sterk lobbyen om bij kernenergie te blijven. We zagen hoe zowel minister Marghem als de N-VA aandachtig naar hen luisterden. Dat is een crimineel beleid. De gevaren voor onze veiligheid zijn gekend. Daarnaast blokkeert het later leggen van de kernuitstap, de investeringen in alternatieve hernieuwbare energie. Er zijn immers kerncentrales die moeten onderhouden worden. Enkel de aandeelhouders van Engie-Electrabel zouden erbij winnen als de kernuitstap nogmaals wordt verlengd.

Er is vandaag engagement nodig voor een duidelijke kernuitstap. Ten laatste in 2025. Die overgang naar hernieuwbare energie moet nu al voorbereid worden. Daarom verdedigt de PVDA overigens een visie voor ecologische planning, waarbij de energiesector in collectieve handen komt.

4. Investeren in openbaar vervoer

Het voorstel voor de interparlementaire verklaring wil een “ambitieus beleid inzake mobiliteit ( ... ) en van het openbaar vervoer, de trein, de bus, de tram en de metro aantrekkelijke en efficiënte alternatieven maken voor de individuele wagen". En erg terechte oproep. Het is dan ook vreemd dat dezelfde mensen die dat naar voor schuiven, tegelijkertijd 3 miljard besparen bij de NMBS.

Met de PVDA willen we oproepen om alle besparingsmaatregelen die het openbaar vervoer treffen, te bevriezen en degene die sinds 2014 uitgevoerd zijn, terug te draaien. Daarnaast vragen we een grote herfinanciering van het openbaar vervoer.

5. De strijd tegen klimaatopwarming en de effecten ervan financieren

De ontwikkelde landen beloofden 100 miljard vrij te maken tegen 2020 om de strijd tegen klimaatopwarming te financieren en om de verwoestende effecten ervan te compenseren. Een bijdrage die bovenop de bestaande ontwikkelingshulp zou komen. Maar aan de vooravond van de vorige klimaattop in Marokko publiceerde Oxfam een rapport dat aantoont hoezeer ontwikkelde landen de steun die ze aan de ontwikkelingslanden geven voor  klimaatfinanciering overdrijven. Van de 41 miljard die de ontwikkelde landen aangeven jaarlijks te hebben gestort, waren slechts 11 à 21 miljard dollar specifiek bestemd voor klimaatactie. Slechts 4 tot 8 miljard daarvan, waren bestemd om de arme landen te helpen om zich aan te passen aan de effecten van de klimaatverandering. Dat is ruimschoots onvoldoende.

Een rapport van 2016 van het NCOS (Nationaal Centrum voor Ontwikkelingssamenwerking) toont dat de klimaatfinanciering in België verminderd werd. Dat ondanks de engagementen van COP21. De financiering daalde van 95,4 miljoen in 2014 naar 46,8 miljoen euro in 2015 en is op dit moment gewoon een stukje van het budget van ontwikkelingssamenwerking. Er werden nog steeds geen bijkomende financieringen gedaan, specifiek voor de klimaatproblematiek. Ter vergelijking: Zweden, vergelijkbaar met België, geeft jaarlijks 341 miljoen euro.

De bijdragen van België, die overeenkomst met haar verantwoordelijkheden, zou tegen 2020 500 miljoen euro moeten zijn. Dat vereist dus een serieuze inhaalbeweging. Het bedrag moet ten eerste al opgetrokken worden, maar het is ook essentieel dat België snel een plan opstelt om die 500 miljoen euro te bereiken.

6. Investeren om de fiets als alternatief te ontwikkelen  

Een van de weinige positieve voorstellen in het verklaringsontwerp werd geschrapt. Het gaat over de ontwikkeling van een actief fietsbeleid, met steun van de regio’s, waarin 20% van het woon-werkverkeer met de fiets wordt gedaan, eventueel in combinatie met andere vormen van openbaar vervoer. De fiets maakt deel uit van de te promoten vervoermiddelen. Dit is een positief voorstel. We stellen voor het weer op te nemen in de tekst.  

 

1. Zie de schattingen van het IPCC en onder andere het scenario VITO van de GIEC

 

Commentaar toevoegen

Bij het indienen van dit fomulier gaat u akkoord met het privacybeleid van Mollom.