Jos D'Haese en Peter Mertens op de voorstelling van het Antwerpse klimaatplan van de PVDA op 25 februari. (Foto PVDA Antwerpen)

“Alles wat het klimaat zou kunnen redden, wordt overgelaten aan de markt. Dat moet anders”

auteur: 

Peter Mertens

auteur: 

Jos D’Haese

Ondanks alle hoeraberichten, is Vlaanderen een van de slechtste leerlingen van de Europese klas wat uitstoot van broeikasgassen betreft. “Het is tijd om een radicale omslag te maken naar een duurzame economie”, schrijven Peter Mertens en Jos D'Haese. “Steden als Kopenhagen, München of Stuttgart tonen vandaag al hoe een stedelijk energiebedrijf indrukwekkende resultaten kan neerzetten. Wie van onze grootsteden een échte klimaattoppers wil maken, zal moeten durven ingrijpen in de markt.”

Het zijn cijfers die zouden moeten inslaan als een bom. Begin februari maakt Bond Beter Leefmilieu bekend dat de Vlaamse uitstoot van broeikasgassen sinds 2015 opnieuw onophoudelijk aan het stijgen is. Zowel in 2015 als in 2016 stijgen de Vlaamse emissies met zo'n 4 procent in plaats van gestaag naar beneden te gaan. Maar het blijft muisstil aan de kant van Vlaams minister voor Leefmilieu Joke Schauvliege (CD&V). Integendeel, de minister liet eerder al optekenen dat het haar hoegenaamd niets kan schelen dat het met de Vlaamse uitstoot de verkeerde richting uitgaat. “Europa laat toe dat we de volledige periode samen bekijken. Tussen 2013 en 2017 bouwen we sneller af dan het traject dat Europa voorlegde, wat compenseert voor de tekorten die we in de komende drie jaar zullen boeken”, laat de minister in oktober vorig jaar doodleuk optekenen. De curve loopt omhoog, het klimaat gaat naar de knoppen, maar de minister stelt zichzelf gerust met boekhoudkundige slimmigheden.

Vlaanderen mag dan een van de slechtste leerlingen uit de Europese klas zijn, in 2015 gingen ook de Europese emissies voor het eerst sinds lange tijd weer lichtjes omhoog. Ondertussen geven de Europese Unie en haar lidstaten elk jaar een slordige 112 miljard euro uit aan subsidies voor de productie en consumptie van fossiele brandstoffen. De urgentie van de klimaatonderhandelingen in Parijs, ondertussen dik twee jaar geleden, lijkt helemaal verdwenen.

Jarenlang weerklonken enkel hoeraberichten. Maar het arsenaal aan quick wins raakt stilaan uitgeput

Maar we waren toch zo goed bezig? Jarenlang weerklonken enkel de hoeraberichten. België haalt de doelstellingen van het Kyotoprotocol! De Europese Unie is de voortrekker van de strijd tegen klimaatverandering! Er is nog nooit zo veel geïnvesteerd in hernieuwbare energie! Maar de scherpe dalingen van de Europese uitstoot blijken meer te maken hebben met de economische crisis dan met doortastend beleid. Het arsenaal aan quick wins, eenvoudige oplossingen zonder structurele impact, raakt stilaan uitgeput. “Het tijdperk van de olie is nog niet voorbij”, klinkt het vandaag bij het Internationaal Energieagentschap, terwijl er steeds minder Europees geld naar hernieuwbare energie gaat. Het grootbedrijf laat de economische crisis achter zich en hervat daarmee de klim naar een steeds hogere uitstoot van broeikasgassen.

Neem nu de Antwerpse haven. Ook Vlaanderens economische hart blaast sinds 2012 weer steeds meer broeikasgassen de lucht in. Een stijging van een vijfde in amper twee jaar tijd, alsjeblieft. “In 2015 werken de bedrijven bijna 9% CO2-efficiënter dan in 2000, terwijl ze in dezelfde tijdspanne bijna 20% meer produceerden. Dit illustreert energie-efficiëntie inspanningen van de industrie”, twitterde Vlaams parlementslid Annick De Ridder (N-VA), de rechterhand van havenbaron Fernand Huts, onmiddellijk wanneer we die cijfers bekendmaken. Met die cijfers illustreerde ze perfect de oogkleppen waarmee er vandaag naar het klimaatbeleid gekeken wordt. De haven koos inderdaad voor enkele eenvoudige ingrepen die de uitstoot van broeikasgassen per product deden dalen. Maar ondertussen stijgt het energieverbruik op 10 jaar tijd met meer dan een derde. Resultaat: meer CO2 de lucht lucht in. En dat is waar het voor het klimaat om draait.

Wie klimaatbeleid zegt, zegt omschakelen naar hernieuwbare energie. Een domein waar Vlaanderen hopeloos ter plaatse blijft trappelen. 100% hernieuwbare energie in 2050 is volgens specialisten een perfect haalbare doelstelling, maar we blijven vandaag steken op amper 6,4% hernieuwbaar en veel beweging zit er niet. De vrije energiemarkt blijkt niet in staat om ook maar een begin te maken van een van de grootste uitdagingen waar onze samenleving voor staat.

Steden als Kopenhagen, München of Stuttgart tonen hoe een stedelijk energiebedrijf indrukwekkende resultaten kan neerzetten

Enkele weken geleden lanceerden we daarom het voorstel om in Antwerpen een stedelijk energiebedrijf op te richten om beweging in de zaak te krijgen. Steden als Kopenhagen, München of Stuttgart tonen immers dat een energiselskab of Stadtwerke, eenmaal de handen vrij van de race naar de hoogste winsten, indrukwekkende resultaten kan neerzetten. Kopenhagen is zelfs goed op weg om in 2025 (binnen 7 jaar!) de eerste klimaatneutrale hoofdstad ter wereld te worden. In Antwerpen bereiken we dat doel tegen het huidige tempo pas in het jaar 2700, terwijl zon en wind op ons grondgebied voor niet minder dan twee keer zo veel energie kunnen zorgen als alle bewoners van de stad nodig hebben.

Zo'n publiek energiebedrijf is iets anders als het 'zonnedelen', dat door Vlaams minister van Energie Bart Tommelein zo hartstochtelijk gepromoot wordt. Daarbij doet de overheid beroep op burgers om gemeenten, steden of bedrijven van hernieuwbare energie te voorzien, in ruil voor een korting op de energiefactuur. In plaats van als overheid de zaak in handen te nemen, wordt de verantwoordelijkheid opnieuw doorgeschoven naar de burger. De burger die de middelen heeft om in andermans zonnepanelen te investeren, welteverstaan.

Het publiek energiebedrijf dat wij voorstellen kan ook mensen met een kleine portemonnee de mogelijkheid geven om een rol te spelen in de groene revolutie. Belgische huizen verbruiken vandaag maar liefst 70 procent meer energie dan het Europese gemiddelde. Wij willen een derdebetalerssysteem. Daarbij schiet het stedelijk energiebedrijf de kosten van de installatie van een energierenovatie voor. Daardoor zakt de energiefactuur, maar toch blijf je hetzelfde bedrag doorbetalen. Het verschil gaat naar de afbetaling van de investering. Ondertussen geniet je van een degelijk geïsoleerde woning of je eigen hernieuwbare energie. En wanneer je de laatste cent terugbetaald hebt, zakt je energierekening naar het nieuwe, lagere niveau.

De zware industrie in de Antwerpse haven kan uitgroeien tot een enorme batterij om de schommelingen in het energieaanbod op te vangen

Hoe meer we investeren in hernieuwbare energie, hoe meer ons elektriciteitsnet pieken en dalen te verwerken zal krijgen. Zon en wind houden immers niet de minste rekening met wanneer wij energie nodig hebben. Het is dus cruciaal om de pieken op te kunnen vangen om in de dalen te vermijden dat er tekorten optreden. En dan komt de industrie in de haven opnieuw in het vizier. Als oplossing, deze keer.

Energieoverschotten kunnen relatief eenvoudig worden omgezet in zuurstof en waterstof. Waterstof kan worden opgeslagen, om later opnieuw energie op te wekken die terug het net op gaat. Waterstof is vandaag al een belangrijke grondstof voor de Antwerpse industrie. Maar liefst een tiende van de totale Antwerpse uitstoot is afkomstig van de vuile productie van waterstof uit aardgas. Door forse investeringen in hernieuwbare energie, gecombineerd met het ontwikkelen van een heuse waterstofeconomie, zetten we de deur open naar een circulaire petrochemische sector. De zware industrie in de Antwerpse haven kan zo uitgroeien tot een enorme batterij om de schommelingen in het energieaanbod op te vangen.

En daar stopt het niet. Afgevangen CO2 kan met waterstof gecombineerd worden tot methaan en methanol, opnieuw belangrijke grondstoffen voor de Antwerpse haven die vandaag uit fossiele bronnen gewonnen worden. Technologie waar de universiteit van Gent wereldwijd koploper in is. Zo maken we van de haven van Antwerpen een gigantische stofzuiger om CO2 actief uit de lucht te halen.

Daar zijn investeringen voor nodig, zo veel is zeker. Investeringen die zichzelf gemakkelijk terugverdienen, want de gevolgen van een totaal ontregeld klimaat zullen ons met zekerheid een veelvoud kosten. Investeringen ook, die nieuwe groene jobs mogelijk zouden maken.

De markt verstoort het klimaat. Het is tijd om daar een einde aan te brengen

Maar vandaag blijven de maatregelen uit. Het grootbedrijf is immers voor haar uitstoot van broeikasgassen enkel gebonden door het Europese Emissiehandelsysteem (ETS). Volgens dat systeem, dat om en bij de helft van de Europese uitstoot covert, moeten bedrijven hun uitstoot jaarlijks met nog geen 2 procent verminderen. De wetenschap zegt ons nochtans dat 8 tot 10 procent eerder het minimum zou moeten zijn. En bedrijven die zelfs die doelstelling niet halen, kunnen propere lucht aankopen van bedrijven die het wat beter doen. Vandaag hebben de Europese grootbedrijven bijna een jaar aan uitstootrechten in hun reserves zitten. Niet moeilijk dat we de Europese CO2-emissies niet onder controle krijgen.

Wanneer er dan wel geïnvesteerd wordt, gaat dat naar totaal geflipte projecten. Zo wil men in de haven van Amsterdam ook CO2 afvangen, maar met een heel ander doel: het de lege gasvelden van de Noordzee inpompen. Een half miljard Nederlands belastinggeld wordt in het project geïnvesteerd. Nochtans is het volstrekte waanzin. Het is een doekje voor het bloeden, dat op geen enkele manier structureel ingrijpt in de manier waarop we leven en produceren. In plaats van CO2 te hergebruiken in nuttige zaken die circulair geproduceerd worden, willen de Amsterdammers met een uitgestreken gezicht miljoenen tonnen van het goedje wegsteken onder de zee. Geen mens die kan garanderen wat daar de komende jaren, decennia en eeuwen mee zal gebeuren. Voor 500 miljoen graven we een klimaattijdbom en doen we ondertussen rustig verder.

Gelukkig zijn er ook andere manieren om de Antwerpse industrie een duwtje in de rug te geven. Bijna alle bedrijven in de haven opereren immers op stedelijk terrein. En daar hangen voorwaarden aan vast, die worden vastgelegd in concessieovereenkomsten. Over arbeidsvoorwaarden bijvoorbeeld, om sociale dumping tegen te gaan. Daar zouden we ook klimaatactie in kunnen afdwingen.

'Gaat dat niet vreselijk marktverstorend werken', werd Jos D'Haese voor de voeten gegooid toen hij in De Ochtend op Radio 1 onze plannen toelichtte. 'De markt verstoort op dit moment het klimaat en ik denk dat we daar een einde aan moeten brengen', antwoordde hij. Want dat is inderdaad waar het om draait. Vandaag wordt bijna alles wat ons klimaat zou kunnen redden, van energieproductie tot industrieel beleid, overgelaten aan de markt. Het heeft geleid tot het in gang zetten van processen die totaal ontwrichtend kunnen zijn voor de wereld zoals we die vandaag kennen. Wanneer we de sleutels van ons klimaatbeleid terug in handen nemen, kunnen we die koers nog keren.

Peter Mertens is voorzitter van de PVDA en lijsttrekker in Antwerpen.
Jos D'Haese is klimaatactivist, bioloog en jongerenverantwoordelijke van PVDA Antwerpen

Labels

Commentaar toevoegen

You must have Javascript enabled to use this form.

Reacties

Als er niet voortdurend gecontroleerd en beoordeeld wordt door wetenschappelijke, neutrale instanties, wijkt men blijkbaar gewoon af van de richtlijnen voor de juiste aanpak van de klimaatverandering. Maar omdat het ons allemaal aanbelangt, moet er dringend samengewerkt worden om opnieuw de problemen efficiënt aan te pakken. De verschillende politieke partijen met ieder hun eigen programma en belangen, zouden het eens moeten geraken over een gezamenlijke duurzame oplossing. Maar dat schijnt nog altijd de grote struikelblok in dit land. Nochtans is de deadline in zicht en zijn we wel degelijk verplicht om over alle ideologieën heen, samen te werken aan duurzame energie, armoedebestrijding en de kloof tussen arm en rijk. Pas daarna kan er over de economie worden nagedacht, maar die vaart wel degelijk bij een beter milieubeleid, want alles hangt aan mekaar vast en de problemen raken zo ook samen opgelost, maar er is inzicht, moed en doorzettingsvermogen voor nodig. De partij die dat alles in huis heeft, verdient de meeste stemmen.
Sinds de eerste oliecrisis begin jaren 70' had men al voluit moeten gaan naar alternatieven voor onze energiebehoeften. Ondertussen zijn we meer dan 40 jaar verder en in plaats van dat er daadwerkelijk iets gebeurt probeert men nu maatregelen te treffen die alleen de gewone burger maar straffen. Terwijl we jarenlang gewoon geen andere keuze hadden aangaande onze automobiliteit en eigenlijk zelfs nu nog niet,beginnen nu steeds meer landen en steden maatregelen te treffen om de auto op fossiele brandstoffen steeds meer te weren en dan vooral uit de steden. Wie een oudere wagen bezit is al helemaal de pineut. Als men denkt dat men daar het klimaat gaat mee redden,die is wel heel naïef. Had men 40 jaar terug het heft in handen genomen hadden er nu enkel nog propere voertuigen rond gereden en hoefde er nu geen mensen gestraft te worden omdat ze met het "verkeerde voertuig" rijden. Al die maatregelen zijn vijgen na Pasen. Initiatieven zoals een publiek energie bedrijf zoals jullie voorstellen getuigt van meer gezond verstand. Het systeem van zonnedelen gepromoot door Bart Tommelein is niet voor iedereen haalbaar en is een middel om het af te schuiven op de burgers zonder dat men zelf (de overheid ) inspanningen moet doen. Al die jaren van lanterfanten heeft er toe geleid dat we nu met de gebakken peren zitten. De betaalbare propere auto is er hierdoor nog steeds niet, laat staan een degelijke infrastructuur voor bevoorrading van energie. En op welke technology dat moet gebeuren is niet de taak van de overheid,die moet er enkel voor zorgen dat de constructeurs ze maken, zodanig dat het beste systeem kan ontwikkeld worden. Nu burgers straffen omdat men het destijds nagelaten heeft om veel eerder maatregelen te treffen getuigt van een zeer slecht beleid zowel in het verleden als nu en weinig respect. Ik wil best mijn steentje bijdragen voor een gezond klimaat maar dan moet men al beginnen dat de mensen toegang krijgen tot de technologie en eveneens dat het betaalbaar is. De maatregelen die men nu neemt zijn druppels op een hete plaat en zadelt mensen op met een schuldgevoel. Jaarlijks krijgt de overheid meer dan 16 miljard inkomsten van de auto, slechts 7% gaat naar de wegeninfrastructuur,en 36% daarvan naar het openbaar vervoer, waar blijft men dan met de overige 57%? Gevolg: wegeninfrastructuur de naam niet waardig, openbaar vervoer ondanks de 36% een ramp en geen enkele serieuze investering voor propere energievoorziening voor mobiliteit. In plaats van eerst de burger met de schuldige vinger te wijzen deed men er goed aan om de hand boven zijn eigen hoofd te houden, incluis de bedrijven die nog steeds milieuonvriendelijke producten op de markt brengen. Die hebben natuurlijk nooit iets fout gedaan, het is steeds de eindconsument die het gelag betaald.