Foto Solidair, Salim Hellalet

11 voorstellen van de PVDA voor echte politieke vernieuwing

Een duidelijk plan als antwoord op het getalm en de rookgordijnen van de traditionele partijen. Dat zijn de doelgerichte maatregelen die de PVDA voorstelt om de graaicultuur in de politiek aan te pakken. 

  • Na de vele schandalen van de voorbije weken en maanden (Kazachgate, Publifin, Telenet ...) lijkt het of de traditionele partijen de verontwaardiging en de alertheid van de bevolking willen afstompen om de noodzakelijke hervormingen stokken in de wielen te steken.
  • Nu al weigeren alle federale meerderheidspartijen duidelijkheid te verschaffen over hoeveel politici verdienen met hun privémandaten (wellicht als gevolg van interne afspraken).
  • We stellen ook vast dat er afleidingsmanoeuvres worden uitgevoerd, waarbij de politieke vernieuwing zodanig breed wordt geïnterpreteerd dat de kern van de zaak onaangeroerd blijft.
  • De PVDA vindt dat er grondige en doelgerichte maatregelen nodig zijn, die rechtstreeks de graaicultuur in de politiek aanpakken. Die maatregelen moeten berusten op drie pijlers: transparantie over de vergoedingen en de vermogens van politici, inperking van de lonen van politici en komaf maken met belangenvermenging.

1ste pijler – Inkomsten uit politieke mandaten 

Voorstel 1 – De inkomsten uit politieke mandaten verminderen en plafonneren

De omvang van de huidige vergoedingen voor politieke mandaten zijn absoluut niet meer in verhouding met het bedrag waarmee het grootste deel van de bevolking vandaag moet rondkomen. De werkende bevolking pijnlijke besparingen opleggen is al te gemakkelijk als je er zelf de gevolgen niet van voelt omdat je een buitensporig loon opstrijkt.

In de wekelijkse nieuwsbrief van het onderzoekscentrum CRISP (nr. 2303) over het profiel van de Franstalige parlementariërs in 2015 staat te lezen dat er “vanuit het oogpunt van de democratie een fundamenteel probleem blijft bestaan: de oververtegenwoordiging van bepaalde kringen in parlementen en de ondervertegenwoordiging, of zelfs complete afwezigheid, van andere segmenten uit de maatschappij. Dat verdient een maatschappelijk debat”.

Het CRISP citeert vakbondsman Michel Meyer, voorzitter van de Algemene Centrale voor Openbare Diensten (ACOD, ABVV): “Tel eens het aantal verkozenen uit het arbeidersmilieu. Geen enkele. De vakbondswereld wordt niet langer vertegenwoordigd door de politieke partijen in het parlement. De enige partij die erin geslaagd is te federaliseren en die zijn kandidaten bij de vakbondsmensen is gaan zoeken, is de PVDA. In alle andere partijen zijn het dokters, juristen die zetelen (...). Dat zorgt voor een kloof tussen degenen die zich elke dag weer moeten uitsloven, de mensen die het vuilnis ophalen, de wegenwerkers en spoorwegarbeiders, de cipiers, dat soort mensen. Er is een groot verschil tussen iemand die in de senaat zetelt en zich koffie laat uitschenken door een ober met witte handschoenen en iemand die bij 30° C het vuilnis moet ophalen.”

De PVDA stelt voor de vergoedingen voor parlementariërs te verminderen en een plafond vast te leggen.

Mediaanloonvoor
1 xparlementariërs van de PVDA
2 xparlementariërs andere partijen
3 xplafond

1) Los van elke wettelijke bepaling leven de parlementariërs van de PVDA van het loon dat ze vóór hun verkiezing verdienden (interne regel van de partij). Dat komt ongeveer overeen met het gemiddelde loon (3.000 euro bruto per maand).

2) Voor de parlementariërs van de andere partijen zou dat neerkomen op een wettelijke vergoeding van 6.000 euro bruto per maand, omgerekend ongeveer 3.200 euro netto voor een alleenstaande. Dat nettobedrag komt overeen met iets meer dan de helft van de huidige parlementaire vergoeding.

Voor alle duidelijkheid, bijzondere parlementaire functies (voorzitter of ondervoorzitter van het parlement, commissievoorzitter, fractieleider enz.) zouden geen bijkomende vergoeding opleveren, of hoogstens een beperkte extra vergoeding (10% bijvoorbeeld).

3) Ministers en politieke mandatarissen die meerdere mandaten uitoefenen, privé of publiek, zouden in geen geval meer dan drie maal het mediaanloon mogen verdienen, niet meer dan 9.000 euro bruto per maand dus. Voor een alleenstaande komt dat neer op ongeveer 4.500 euro netto per maand, iets minder dan de helft van wat een minister nu verdient (rond de 10.000 euro netto).

NB: deze bepalingen zijn opgenomen in een wetsvoorstel van de PVDA dat momenteel in behandeling is bij de diensten van de Kamer.

Voorstel 2 – Afschaffen van de pensioenprivileges

De regering voerde herhaalde aanvallen uit op de pensioenen en brugpensioenen van de bevolking, onder meer door de pensioenleeftijd op te trekken naar 67 jaar. De PVDA hekelde al van bij het begin dat de parlementsleden voor zichzelf een veel voordeliger pensioenregeling behielden. Eerste minister Charles Michel, bijvoorbeeld, kan met pensioen gaan op 55 jaar, na een volledige loopbaan van 20 jaar.

2de pijler – Transparantie

Voorstel 3 – Openbaar maken van vergoedingen voor mandaten, zowel in de private als in de publieke sector

Momenteel is het zo dat de wet publieke mandatarissen verplicht het Rekenhof een lijst te bezorgen waarop hun publieke en private mandaten vermeld staan en waarbij ze moeten aangeven of die al dan niet bezoldigd zijn.

De PVDA wil dat de jaarlijkse vergoeding voor elk bezoldigd mandaat, zowel privé als publiek, meegedeeld wordt aan het Rekenhof, dat het op zijn beurt op zijn site moet publiceren. Daarbij is het essentieel dat ook de privémandaten worden vermeld: zowel in het noorden (Bracke-Telenet), als in het centrum (De Decker-Chodiev) en het zuiden van het land (Moreau-Nethys) gingen de schandalen over inkomsten uit privémandaten (of van een privébedrijf met overheidskapitaal zoals het geval bij Nethys).

Het openbaar maken van de vergoedingen uit privémandaten, zoals de PVDA dat eist, is echter iets waar de andere partijen absoluut niet achter staan. Uit de werkgroep “Politieke vernieuwing” van de Kamer blijkt in elk geval dat de oppositiepartijen het over de kwestie niet eens zijn en dat de vier meerderheidspartijen zich als één man verzetten tegen het openbaar maken van de vergoedingen voor privémandaten. Dat lijkt in elk geval een gerucht te bevestigen: de meerderheid zou het onderling al op een akkoordje hebben gegooid over welke voorstellen ze aanvaardt en – vooral – welke niet.

NB: deze bepalingen zijn opgenomen in de wetsvoorstellen nrs. 2327 en 2328 van de PVDA (23/2/2017).

Voorstel 4 – Het openbaar maken van het vermogen van politieke mandatarissen

Behalve het oplijsten van hun mandaten verplicht de wet politieke mandatarissen ook om het Rekenhof een opgave te bezorgen van hun vermogen (onroerende goederen, bankrekeningen enz.), maar onder gesloten omslag en zonder vermelding van de waarde.

Voor de PVDA is het essentieel dat het vermogen van politieke mandatarissen openbaar wordt gemaakt. De mandatarissen moeten een gestaafde opgave van hun vermogen aan het Rekenhof overmaken en dat moet die gegevens jaarlijks op zijn website publiceren. Die transparantie is nodig om zaken te voorkomen zoals het verzwijgen van onwettige of immorele inkomsten, belangenvermenging, handel met voorkennis, corruptie. Omdat er een boekhoudkundige link is tussen inkomsten en vermogen, heeft het controleren van allebei een versterkend effect: het zijn twee aspecten van dezelfde transparantie.

In zijn laatste rapport (21/10/2016) verwijt de Groep van Staten tegen Corruptie (Greco, afhankelijk van de Raad van Europa) België dat het een aantal aanbevelingen niet heeft uitgevoerd, onder andere aanbeveling iii die bepaalt “dat het stelsel van de aangiften duidelijk de inkomsten, de verschillende vermogensbestanddelen en een schatting van hun waarde vermeldt – ongeacht de vorm ervan (met inbegrip van die welke, rechtstreeks of onrechtstreeks, in België of in het buitenland in het bezit zijn) – alsook de passieve bestanddelen, met een actualisering van de informatie in de loop van het mandaat”.

Frankrijk heeft na de affaire-Cahuzac een dergelijk mechanisme ingevoerd voor het openbaar maken van vermogens. Het is van toepassing op ministers, leden van hun kabinet, parlementariërs en ook andere categorieën van politiek mandatarissen.

In België is de PVDA de enige partij die achter dit voorstel staat. Binnen de werkgroep “Politieke vernieuwing” van de Kamer hebben de andere partijen zich ofwel expliciet tegen het voorstel uitgesproken ofwel ervoor gekozen geen stelling in te nemen.

NB: deze bepalingen zijn opgenomen in de wetsvoorstellen nrs. 950 en 951 van de PVDA (11/3/2015).

Voorstel 5 – Oprichting van een Hoge Autoriteit voor politieke transparantie

Naar voorbeeld van wat op gemeentelijk niveau in Barcelona bestaat, maar ook naar wat in Frankrijk werd ingevoerd na de affaire-Cahuzac, stelt de PVDA de oprichting voor van een Hoge Autoriteit voor transparantie en goed bestuur. In dat orgaan zou een adviescommissie zetelen bestaande uit vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld en de vakbonden.

Die Hoge Autoriteit zou volgende taken hebben:

een actieve controle van de politieke instellingen en administratie inzake transparantie, goed bestuur en het vermijden van belangenconflicten;

de parlementen adviezen verstrekken voor eventuele verbeteringen;

anonieme klachten bundelen van burgers, organisaties van het maatschappelijk middenveld en functionarissen over zaken die niet of slecht functioneren (slecht bestuur, misbruik, belangenvermenging, corruptie enz.);

indien nodig, een onderzoek voeren en in voorkomend geval een verslag van de inbreuken overmaken aan het parket.

Voorstel 6 – Alle beraadslagingen van overheidsinstellingen op internet publiceren

Voor de PVDA houdt transparantie in dat de bevolking zich kan informeren over alle beraadslagingen en beslissingen van overheidsinstellingen, zowel van overheidsorganen als van ondernemingen met overheidskapitaal. De notulen van hun vergaderingen moeten automatisch voor iedereen raadpleegbaar zijn, meer bepaald door ze op internet te publiceren. Voor alle instellingen waarvan de beslissingen betrekking hebben op een groot aantal personen moeten de vergaderingen rechtstreeks en online gevolgd kunnen worden. 

Voorstel 7 – Publicatie van de lijst met kabinetsmedewerkers

Onlangs nog waren er gebeurtenissen die aantoonden hoe er potentiële belangenconflicten kunnen ontstaan tussen de verschillende kabinetten van de huidige federale regering, meer bepaald tussen die van de minister van Energie en de minister van Financiën.

De PVDA wil dat de regeringen op hun website de lijst publiceren en actualiseren van alle medewerkers, zowel losse als in vast dienstverband, van de ministeriële kabinetten. De lijst moet bij elke medewerker ook vermelden welke mandaten en beroepen hij de voorbije vijf jaar heeft uitgeoefend.

3de pijler – Vermijden van belangenvermenging

Voorstel 8 – Een verbod op het cumuleren van publieke en privémandaten

Recente zaken brachten aan het licht dat meerdere parlementariërs, onder wie de voorzitter van de Kamer, een functie van raadgever hadden bij multinational Telenet, en dat terwijl ze moeten stemmen over wetten die van toepassing zijn voor de telecomsector en overheidsbedrijf Proximus, de concurrent van Telenet. Het is zo dat zelfs een voormalig eerste minister tijdens zijn ambtstermijn contractueel gebonden was aan Telenet.

Dergelijke situaties zijn onaanvaardbaar als men potentiële belangenconflicten wil vermijden. Hierbij gaat het er uiteraard niet om dat we een bestuurder van een familiale KMO willen beletten in het parlement te zetelen. Het zou zelfs wenselijk zijn dat bezoldigde werknemers of zelfstandigen een deeltijdse professionele activiteit zouden kunnen combineren met een parlementair mandaat, want op die manier blijven ze voeling houden met de realiteit van het beroepsleven. Wat wel verboden zou moeten zijn, is dat politieke mandatarissen een mandaat of contract hebben met een bank, een multinational of een beursgenoteerd bedrijf.

NB: deze bepalingen zijn opgenomen in een wetsvoorstel van de PVDA dat momenteel in behandeling is bij de diensten van de Kamer. 

Voorstel 9 – De strijd aanbinden met het “draaideurfenomeen”

Nog een fenomeen dat problemen stelt inzake belangenvermenging is het zogenaamde draaideurfenomeen, waarbij personen naadloos de overstap maken van de politieke wereld naar de zakenwereld. Verschillende voormalige Belgische eerste ministers hebben die twijfelachtige stap gezet …

De PVDA is van mening dat in de vijf jaar na de uitoefening van een openbaar mandaat, de mandataris geen mandaat (of andere functie) mag aanvaarden bij een bank, multinational of beursgenoteerd bedrijf.

NB: deze bepalingen zijn opgenomen in een wetsvoorstel van de PVDA dat momenteel in behandeling is bij de diensten van de Kamer.

Andere voorstellen van de PVDA

Behalve de drie pijlers die we hierboven hebben uiteengezet, omvat het programma van de PVDA nog een reeks hervormingsvoorstellen inzake goed bestuur. Die hervormingen hebben uiteraard allemaal hun nut, maar de PVDA meent dat ze buiten het kader vallen van de prioritaire maatregelen die nodig zijn na het uitbreken van de recente schandalen. Volgende twee voorstellen sluiten vrij dicht aan bij het kader, maar vallen niet binnen de drie pijlers.

Voorstel 10 – Een verbod om bepaalde overheidsmandaten te cumuleren

Naast een financiële decumul (zie voorstel 8) stelt de PVDA ook een functionele decumul voor: het mandaat van een volksvertegenwoordiger (federaal of gewestelijk) zou niet gecombineerd mogen worden met een uitvoerende functie op gemeentelijk vlak (schepen of burgemeester). Een dergelijke cumul leidt immers tot een dubbel probleem: niet voldoende tijd om de verschillende mandaten naar behoren uit te oefenen (het besturen van een stad is geen parttime job) en de vermenging van wetgevende en uitvoerende functies.

De PVDA staat echter wel achter de mogelijkheid om een parttime job als werknemer te combineren met de functie van volksvertegenwoordiger. De PVDA verzet zich tegen het concept “beroepspolitici” en is van mening dat een parlementariër de tijd moet hebben om voeling met de realiteit te behouden en niet opgesloten mag worden in de ivoren toren van het parlement.

Voorstel 11 – Een vermindering van het aantal kabinetsmedewerkers

De PVDA stelt een rampzalige trend vast, waarbij de ministeriële kabinetten steeds groter worden en steeds meer een beroep doen op adviseurs, in plaats van een beroep te doen op de administratieve medewerkers. We herinneren ons bijvoorbeeld de controverse veroorzaakt door voormalig minister Jacqueline Galant die een gigantisch bedrag had betaald aan advocatenkantoor Clifford Chance voor het uitwerken van een wetsvoorstel dat later knoeiwerk bleek en dat de FOD Mobiliteit zoveel beter en goedkoper had kunnen uitvoeren.

De PVDA is dan ook voorstander van een vermindering van het aantal kabinetsmedewerkers en is tegen het inschakelen van consultants.

Het optrekken van rookgordijnen en gevaarlijke voorstellen

Transparantie à la N-VA

De Kamer heeft beslist een werkgroep op te richten die een consensus moet proberen te bereiken over de bepalingen voor politieke vernieuwing, die vervolgens in wetsvoorstellen moeten worden gegoten. Tijdens de eerste besprekingen van die groep, over het thema transparantie, bleek de houding van N-VA alvast veelzeggend. De partij kwam met niet minder dan zeven voorstellen omtrent dat ene thema, voorstellen die in se weinig vooruitgang inhielden en vooral gemorrel in de marge waren. Zo was er bijvoorbeeld een voorstel waarbij politici hun mandaatverklaring via digitale weg zouden kunnen inbrengen, wat op praktisch vlak zeker verdedigbaar is, maar waar het verband met transparantie ver zoek is.

Als het er echter om gaat door te dringen tot de harde kern van transparantie, dan neemt de N-VA een afwachtende houding aan die aantoont in welke mate deze partij, die anders de eerste is om de traditionele partijen aan te vallen, in de praktijk zelf al zo’n traditionele partij is geworden (dat blijkt trouwens ook uit de zaak-Bracke en de belangenvermenging in het kabinet van minister Van Overtveldt). Zonder enig argument verzet de N-VA zich gedeeltelijk tegen transparantie over de vergoedingen voor overheidsmandaten (de partij wil enkel dat er een inkomstenschijf gegeven wordt), verzet ze zich volledig tegen transparantie voor de vergoedingen van privémandaten en toont ze zich bijzonder allergisch voor het openbaar maken van het vermogen van de mandatarissen.

Die schrik voor transparantie wordt gedeeld door de meeste andere traditionele partijen. We vrezen dan ook dat de werkgroep “Politieke vernieuwing” zal uitmonden in een doorschuifoperatie, die tot doel heeft de verontwaardiging en de alertheid van de bevolking af te stompen, om vervolgens in juli, in volle vakantieperiode, enkele minieme maatregelen door te voeren die niks meer te maken hebben met de aanvankelijke doelstellingen.

Het antidemocratische idee om het aantal volksvertegenwoordigers in de Kamer te verminderen

Als er al een partij is die zich altijd heeft verzet tegen de toename van de uitvoerende en wetgevende instellingen als gevolg van herhaaldelijke institutionele hervormingen die gewesten en gemeenschappen steeds meer bevoegdheden geven, ten koste van de solidariteit, dan is het wel de PVDA, de enige unitaire partij in het Belgische politieke landschap.

Toch proberen enkele politici het debat over de astronomisch hoge vergoedingen van de mandatarissen af te leiden naar een debat over het aantal mandatarissen. Die truc is wel heel doorzichtig, maar eerste minister Charles Michel deinsde er niet voor terug hem te gebruiken toen PVDA-volksvertegenwoordiger Raoul Hedebouw hem op 16 februari laatstleden in volle plenaire zitting in de Kamer vragen stelde over de graaicultuur in de politiek. Charles Michel: “Zijn er in ons land niet erg veel ministers, erg veel mandatarissen? Misschien kunnen we deze kwestie over de vergoeding linken aan het erg hoge aantal politieke en openbare functies?”

Zes dagen later gaf de liberale volksvertegenwoordiger Vincent Van Quickenborne (Open Vld) al een concrete vorm aan het voorstel van de eerste minister door te stellen dat de Kamer “het zou kunnen doen met vijftig collega’s minder”. Krijgen we na het “minder ambtenaren die beter betaald worden” van Nicolas Sarkozy binnenkort het credo “minder parlementariërs die beter betaald worden” van Belgisch rechts? Dat is niet zomaar een rookgordijn optrekken om het probleem van de graaicultuur in de politiek te herleiden tot een simpele kwestie van budgettaire aard, neen, een dergelijk voorstel is door en door antidemocratisch, want op die manier zouden de grote traditionele partijen, die aan de basis liggen van de schandalen, nog meer gewicht in de schaal werpen en de opkomst tegengaan van kleine partijen die hun graaien in de vetpotten aan de kaak zouden kunnen stellen.

Een Kamer met 100 volksvertegenwoordigers in plaats van 150 zou inderdaad leiden tot een verhoging van de drempel om een zetel te bemachtigen. Die drempel zou overal hoger worden dan 5%, zelfs in de provincies met het grootste aantal volksvertegenwoordigers in de Kamer. In een provincie als Limburg zou dat betekenen dat een volksvertegenwoordigers bijna 9% van de stemmen zou moeten halen. In de provincies Luxemburg en Waals-Brabant zou de kiesdrempel zelfs boven de 20% komen te liggen.

Commentaar toevoegen

Bij het indienen van dit fomulier gaat u akkoord met het privacybeleid van Mollom.

Reacties

Politieke partijen hebben bepaalde opinies. Zij weten echter heel goed dat deze opinies niet altijd de juiste zijn maar dat hun opinies in functie zijn van waarmee zij denken zoveel mogelijk stemmen te halen. Het is daarom noodzakelijk om in België zoals in Ijsland een raad van (b.v. 75) onafhankelijke burgers op te stellen! Temeer veel burgers steeds minder vertrouwen hebben in veel politici!
ik vind ook dat men hier in dit kleine land ,met amper 11 milj. inwoners toch geen 6 of 7 regeringen nodig heeft ! daar kan toch enorm veel bespaard worden en moet men het niet steeds zoeken bij de gewone man . ik dank u voor de nieuwsbrief .
Beste, Ik heb vlug die elf voorstellen doorlopen. Voorstel 9 dat moet strijden tegen het 'draaideureffect' lijkt me niet waterdicht. Grote en minder grote bedrijven doen geregeld beroep op consultants, zelfstandigen die hun expertise zo verkopen op basis van een kort contract. Ze nemen dus geen functie of mandaat op, ze adviseren - tegen torenhoge vergoedingen! - in seminars, op vergaderingen en in face-to-face gesprekken met managers. Met vriendelijke groet, Met vriendelijke groeten,
Inderdaad. Het echte forum van de democratie, nl de Kamer van Volksvertegenwoordigers moet men niet afslanken, tenzij men wil dat het volk uit frustratie nog meer aan anti-politiek doet. De traditionele partijen slagen er wel niet in om de echte verouderde staatsorganen af te schaffen (senaat) of af te slakken (provincieraden). Men weet waarom. Het zijn ook macht & geldzuilen van de diegenen die bijna altijd aan de macht waren (we noemen geen namen).
Voor wat voorstel 5 betreft. In Frankrijk heeft die "hoge autoriteit voor transparantie" precies toch niet veel uitgehaald. Een ander voorstel: Parlementsleden én rechters mogen van mij gerust een hoge wedde én pensioen hebben zodat zij niet hoeven corrumperen. Maarrrr.... bij (meerdere) misstappen, der uit, out, SchmeiBt den typ raus ! Dát zou pas werken. Want laat ons eerlijk wezen, al die comités en hoge raden voor dit en dat en si en là. Dat is een laagje vernis voor de goeie orde, niets meer en niets minder. Nu, ik maak mij geen illusies, dergelijk voorstel zal nooit aanvaard worden, door niemand.
Dit is wel een heel dikke boterham, bijna een essay, om doorheen te worstelen. Kan het niet in een aantal duidelijke krijtlijnen ? Het zou de interesse van al wie genoeg heeft van de huidige, verziekte politiek doen toenemen denk ik . Mvg
De graaizucht bij onze politiekers is een groot aandachtspunt voor de PVDA/PTB en terecht. Maar er zijn er nog die graaien in onze maatschappij, buiten de politiek, wat gebeurd daarmee? Wat zijn de plannen om ons leefmilieu nog beter te beschermen? Hoe wil de PVDA het waterprobleem aanpakken? Hoe gaat men het voedingsprobleem in goede banen leiden? Hoe gaat men de strijd aangaan tegen de oprukkende ziekten en de verzwakte weerstand ertegen? Hoe wil men omgaan met de religieuze onverdraagzaamheid? Zijn er concrete plannen om onze mobiliteit anders aan te pakken? Wat gebeurd er met het overschot aan werknemers met een steeds maar verder doorgedreven automatisatie? Een hele waslijst problemen die op ons afkomen en die op deze site nog onvoldoende in de schijnwerpers geplaatst worden. Een grotere aandacht hiervoor en de voorstellen voor gepaste maatregelen kan de PVDA/PTB alleen maar ten goede komen. De gewone mensen willen 'leven' en liefst op een 'menselijke' manier!
Ik kan best leven met jullie 11 voorstellen en als er met de tijd iets moet worden bijgeschaafd, so wat, Rome is ook niet op één dag gebouwd. Mijn steun hebben jullie. Mvg,